Deze mini moerbei gevonden door Hajime Matsunaga uit Japan, draagt over een lange periode, van eind juni tot oktober, zoete vruchtjes op eenjarig hout. Je mag haar dus ook in het voorjaar snoeien. Dat is niet altijd nodig, ze blijft vanzelf vrij compact en is, zoals alle moerbeien zelfbestuivend.
Ideaal voor wat kleinere tuinen of zelfs in pot op een balkon.
Ze is wat vorst gevoeliger dus beschut planten en in pot koel en donker in een schuurtje.
Snoepjes boompje.
Sinds 1600 een van de eerste gekweekte narcissen. Ze is standvastig, sterk geurend en bloeit lang na de gewone narcissen.
Ik ben niet zo'n bloembollen fan. Maar dit is een oorspronkelijke vorm met een natuurlijke uitstraling die mij erg aanspreekt.
Wild in midden Europa, Spanje, Frankrijk tot de Oekraïne. Verwilderd in Engeland, Duitsland en zelfs België.
Misschien plant ik ze allemaal in een van mijn biotoopjes en laat ze dan ontsnappen.
Dit is een blij makend goede nieuwe Nepeta. Ze is compact en laag, maar bloeit bovendien van kop tot klauw, vanaf de grond dus. Ze heeft donkere stengels en als de bloemetjes uitvallen zijn ook de rode calyxen nog sierlijk. Als het echt over is mag je haar diep terugknippen voor herbloei.
Ze bloeit relatief vroeg en lang.
Makkelijk en.... Purr-fect.
Hier kun je op bouwen; grijzig blad, doorbloeiend, gemakkelijk.
Ik raak nog wel eens verstrikt in discussies met klanten die een lage zoeken wanneer ik deze aanbeveel boven de volgens hen lagere 'Walkers Low'. 'Six Hills Giant' is lager, groeit meer in de breedte en heeft een iets zachtere kleur. 'Walkers Low' is vernoemd naar een tuin met die naam.
Als de bloei wat minder wordt; afknippen tot de grond, dan beginnen ze opnieuw. Dat kan wel drie keer per jaar.
'Bramdean' is een wat hogere cultivar van kattenkruid met extra lange bloeisteggels.
Knippen geeft herbloei.
Super sterk en makkelijk snel vullend.
Wij adviseren Nepeta als alternatief voor lavendel in de halfschaduw.
De zacht-roze bloemen en rode kelkblaadjes scheppen samen de diepte die de naam suggereert. In Nederland ontstaan bij Coen Janssen toen hij wat zaad dat hij van Brian Kabbes kreeg uitzaaide. Daar zijn collega's voor.
De plant werd in Engeland benoemd. Men vond het een zeer mooie, makkelijke en bruikbare plant.
Niet van het sigaren en pirateneiland maar uit de gelijknamige streek in Moldavië.
Een indrukwekkende wildvorm met een diepe intensieve kleur.
Ze lijkt met haar grote bloemen op Nepeta subsessilis maar bloeit veel rijker en heeft fijner blad en wat herfstkleur.
Een wildvondst.
Lekker doorbloeiend wit semi-kruipertje met zilverachtig blad.
Dit sneeuwvlokje heeft een lichte voorkeur voor een droge, warme, zonnige borderrand maar kan ook vakken in de halfschaduw vullen.
Eenvoudig randplantje.
Het basis materiaal voor de romantische tuin. Een betrouwbare, goed doorbloeiende plant, voor liefst volle zon. Let op: de naam slaat op de herkomst, een Engelse tuin, niet op de grootte. 'Walker's Low' is hoger en meer rechtop groeiend dan 'Six Hills Giant', bovendien ietsje donkerder.
Ze kan, als je op tijd diep terug knipt, tot drie keer bloeien per seizoen.
Combineer ze met rozen, Astrantia of een gele Achillea.
Lang bloeiend met sprekende 4 cm lange blauw-paarse bloemen rondom de stengel in etages.
Een sterke en gemakkelijke vaste plant. Ze kan helaas na jaren soms plotseling verdwijnen dus misschien is ze wat kortlevend.
Geweldig in combinaties met bijvoorbeeld Helenium of Achillea.
Die donkere etage aren heb je gewoon nodig.
Deze zeer recente introductie vormt compacte lage struikjes van 30 cm hoog en 40 cm breed.
Ze bloeien, als je de uitgebloeide bloem af en toe verwijdert de hele zomer door. Je mag ze tussen door ook een keer tot de grond afknippen.
Zeer makkelijke planten.
Make your cat purr.
We hebben er nog maar een paar jaar ervaring mee. Maar het ziet er naar uit dat deze wat sterker is dan andere rassen, koud weer beter verdraagt en redelijk goed binnen kan overwinteren.
Ze heeft relatief klein blad en bloeit wit met een vleugje roze. De geur heeft citrustonen.
Fijnbladig, compact en heerlijk.
Deze gestekte basilicum is speciaal voor de professionele teelt geselecteerd op koude bestendigheid. Zoals ik elders schreef: Basilicum bevriest al bij plus tien. Deze kan dus iets meer hebben.
Dat wil niet zeggen dat 'Coldasil' winterhard is. Je zet haar nog steeds het beste in een pot.
Ze bloeit niet snel waardoor je er langer van kunt oogsten.
De smaak is vergelijkbaar met 'Genovese'. Het blad is wat dikker en steviger.
Een meeldauw en Fusarium rersitent professioneel Genovese type met een sterke klassieke Genovese smaak.
Compact groeiend.
We proberen te voorkomen dat basilicum gaat bloeien. Dat doen we door steeds de toppen die naar bloei neigen te oogsten. Zo heb je de grootste opbrengst.
Dit is een vaste, maar nog niet winterharde.
De gestekte basilicums verhouten een beetje en zijn veel sterker dan gezaaide.
Je kunt deze gestekte basilicum binnen overwinteren. Zaad wordt niet gevormd door deze gestekte plant.
Binnen overwinteren boven 15 graden.
Goed van smaak, heerlijk witte bloemen.
Een compacte, sterk vertakkende, fijnbladige vorm met purperen topjes en bloemknoppen.
Ideaal voor een pot op je tuintafel.
De heerlijke geur komt overeen met 'Genovese' maar dan sterker met een vleugje kaneel.
"Geen ziekte bezoekt een huis met en koe en een Tulsi-plant". Een eindeloze opsomming medicinale toepassingen staan beschreven in het Indiaase boekje over Tulsi dat begint met die spreuk.
Basilicum is een liefdeskruid bij uitstek. Tulsi is dat in het bijzonder. Van de verhoutte stengels worden in India bidkettingen gemaakt. De plant heeft een wierook / kruidnagel geur. Ver van de ons vertrouwde in de Mediterrane keuken gebruikte Genovese types.
Heel fijntjes is deze hop-marjolein met bellen die bij een wat oudere plant lang uitgroeien.
De bellen zijn veel kleiner en fijner dan die van 'Kent Beauty' maar uiteindelijk wel langer.
Ze is prima winterhard qua temperatuur; hoe kouder hoe beter. Maar ze staat daarbij wel graag droog.
Een typische bergplant zoals je ze in Turkije en Syrië wel tegenkomt.
Aanbevolen voor keuken gebruik als het een uitstekend winterharde moet zijn.
Ook zeer geschikt als rijk bloeiende bodembedekker in de volle zon. De geur is bijna zo sterk als die van Origanum majorana, de echte oregano.
De krachtigste marjolein dus.
Heerlijk voor keukengebruik en betrouwbaar vast.
Een sterk geurende en gepeperde oregano met lekker grijs blad.
Niet dus die zoete voor bij de pasta.
De smaak houdt het midden tussen bonenkruid en peper.
Verdraagt strenge vorst veel beter dan vocht.
Een Hollandse klassieker uit 1952. Veel in gebruik als snijbloem, maar ook zeer geschikt als tuinplant.
Zeer groeikrachtig en rijk bloeiend met veel zijknoppen. De zacht zalm kleurige bloemblaadjes verkleuren naar wit. Dat geeft een dynamisch beeld.
De geur is niet erg sterk. Best wel wat steun geven vanwege de rijke bloei.
Een kruising van de rode Paeonia peregrina met een lactiflora. Vroeg en hoog met stevige stengels. Halfgevuld.
Deze kleur is zoals bij alle koraal hybrides zeer bijzonder en warm. 'Coral Supreme' is zelfs nog iets meer oranje dan 'Coral Charm'.
Ze heeft veel meer kleur dan geur.
Teer vuurwerk afkomstig van een van mijn favoriete botanische pioenrozen; Paeonia peregrina.
Deze cultivar staat daar dicht bij en bevat het beste van wat peregrina te bieden heeft.
Net als alle enkelbloemige valt ook deze nooit om tijdens de bloei.
Een hoge 'Coral' met meer naar roze neigend abrikoos dan de zusjes.
Heerlijke komvormige geurende bloemen.
Vroeg bloeiend.
Fantastisch die Corals.
'Molly The Witch' heeft terecht een hebberig makende reputatie onder liefhebbers. Vraag overtreft daarom altijd het aanbod.
Grote enkele bloemen in een mysterieus geel uit de Kaukasus.
Haar naam heeft ze te danken aan de Poolse botanicus Ludwik Mlokosiewicz die haar in 1897 ontdekte.
Het is mijn meest bijzondere en mooiste pioen. Wordt het niet tijd dat je meegeniet? Eind april, your place or mine?
Een van de makkelijkste boompioenen. De bloemen geuren heerlijk. De struik heeft een ruige vorm.
De enige Pioen die zich ook op zandgrond nog redt.
Omdat ze gezaaid worden kan de kleur van de bloemen variëren. Sommige exemplaren bloeien geel of warm oranje terra cotta.
Waarschijnlijk de meest legendarische pioen ooit sinds 'Rock's Variety'.
Een kruising tussen boom- en kruidachtige pioen.
De bloemen zijn zo'n 20 cm in doorsnede, maar hebben vanwege houtige stelen geen steun nodig. Ze is zeer rijk bloeiend en heeft een lekkere lichte geur.
Het blad blijft tot diep in de herfst fris om daarna met geweldige herfstkleuren een einde te vinden.
In 1948 kwam Toichi Itoh uit Tokio op het lumineuze idee om stuifmeel van de kruidachtige Paeonia lactiflora 'Alice Harding' te gebruiken om er de Japanse boompioen 'Katoden' mee te bestuiven. Zo ontstond de fantastische intersectionele kruisingsreeks met boompioen blad en half-houtige stengels.
Ze blijven veel lager dan boompioenen en hebben vaak half gevulde bloemen in heerlijke kleuren.
Itoh's zijn kruisingen van kruidachtige pioenen met boompioenen. Ze verhouten maar blijven redelijk laag en vertakken voornamelijk aan de grond.
De bijzondere 'Canary Brilliants' werd in 1999 geselecteerd door Roger Anderson. In knop zijn ze crèmekleurig, langzaam verkleuren ze via geel naar oranjeroze. De bloemen zijn goed aankijkend en staan boven het blad.
Inderdaad, een juweeltje.
De Japanse professor Itoh was de eerste die het lukte boompioenen te kruisen met kruidachtige. Deze types staan genetisch ver van elkaar, ze behoren tot verschillende secties. De takken zijn halfverhout en de plant vormt een lage statige struik.
Roger Anderson deed het kunstje van Itoh in 1986 na en kwam zo tot deze. De kleur verloopt van zuiverwit naar diep roze-rood in het hart van de semi dubbele bloem. Ze zijn uitstekend winterhard, traag groeiend maar zeer lang levend.
Intersectionele hybride tussen een boompioen en een kruidachtige soort.
Deze kleur is in deze groep zeer bijzonder en maakt haar tot een kostbare zeldzaamheid.
Naarmate de wortels krachtiger worden worden de bloemen ieder jaar voller. Ze vormt een mooie compacte struik die geen ondersteuning nodig heeft.
De half houtige 'Julia Rose' begint kersroze en verkleurt langzaam via abrikoos oranje naar geel. Op de struik geeft dit een bijzonder tweekleurig effect.
Ze geurt helaas maar weinig of niet. In de vaas doet ze het uitstekend.
Vroeg bloeiend.
Dit is een kruising tussen de gewone, kruidachtige pioen en een Chinese rockii boompioen.
Deze half-houtige planten groeien aanvankelijk traag, maar een volwassen plant kan tot wel 50 bloemen maken.
Ze zijn bijzonder schaars, kostbaar en zeer geliefd om hun bijzondere kleuren en groeiwijze. De geurende bloemen hebben een doorsnede van zo'n 20 cm.
Dit is een bijzondere categorie pioenrozen ontstaan dankzei het lumineuze idee, In 1948, van Toichi Itoh uit Tokio om boompioenen te kruisen met kruidachtige. Deze kruisingen zijn half verhoutend en relatief laag. Ze vertakken in de grond en bloeien meestal 'aankijkend' met heldere aansprekende kleuren.
'Orange Victory' is een in 2001 geïntroduceerde nieuwe kruising volgens dit principe.
'Pink Ardour' is een intersectionele hybride, een kruising tussen een boompioen en een kruidachtige pioen. Deze pioenen blijven vrij laag en compact en verhouten gedeeltelijk. Ze maken elk jaar meer stengels vanuit de grond en zijn zeer standvastig.
Hun kleuren zijn fenomenaal.
Een van de beste gevulde roze. Van roze naar donker roze in het hart op stevige stengels.
Heerlijk geurend.
Dip your nose, cheek to cheek and dance..
Deze 'kom van schoonheid' is een half gevulde kruidachtige cultivar, vroeg en rijk bloeiend roze met een opvallend hart.
Japans type heet dat.
Het krachtige roze wordt geblust door het crème gele hart.
Deze schaal slagroom is een van de allermooiste gevulde witte.
Staat op zichzelf, geen steun nodig.
Licht en luchtig van geur.
Caloriearme slagroom, maakt net zo gelukkig.
Bloemen van diep donker bruinroood in een half gevulde komvorm naar uiteindelijk openhartige helderrode bloemen. Qua kleur exact mijn ding.
Bovendien heel sterk, rechtopstaand en gezond.
Deze wordt veel geteeld als snijbloem, mede vanwege de stevige stelen. Voor de zekerheid liefst wel wat steun geven.
Zoet van geur.
Het is een in Nederland gevonden kruising van 'Bunker Hill' met 'Sarah Bernhardt' van voor 1950.
Een lekker rijk bloeiende en sterk geurende gevulde cultivar.
'Duchesse de Nemours' werd in 1854 geïntroduceerd en is dus met recht een klassieker te noemen. De bloemblaadjes zijn leuk gefranst.
Het is bovendien een uitstekende snijbloem.
Dubbel champagne wit (iets roze), midden vroeg en zacht en zoet geurend.
De bloemvorm is afgeplat zoals bij de gelijknamige Kaapse jasmijn, ze maakt veel zijknoppen waardoor ze lang bloeit.
Ze heeft wel wat wat steun nodig. Dat komt wel meer voor bij sterk geurende soorten.
Zeer pompeus prachtig en stevig op eigen benen.
Ook heel geschikt voor de vaas. Geur is helaas maar zwak aanwezig.
Een klassieke gevulde, vroeg bloeiende watermeloen rode pioenroos met goed geurende bloemen.
Wereldwijd populair vanwege de indrukwekkende bloemen.
Oorspronkelijk uit de Verenigde Staten. (geïntroduceerd rond 1940)
Zeer geschikt als snijbloem.
De meest geteelde rode voor de snij. Verbloeiend van rood naar roze violet, bij pioen wordt dat al paars genoemd.
Uit 1908 maar nog steeds de meest geteelde rode snijpioen.
Compact, maar toch graag een beetje steun.
Licht geurend.
Deze lang en rijk bloeiende klassieker is al vele jaren wereldkampioen witte pioen.
Ze is in 1936 geïntroduceerd in de VS door Mann en Van Steen en werd regelmatig onderscheiden, niet alleen in Amerika maar ook door de RHS.
De 20 cm grote halfgevulde sneeuwwitte bloemen met een open hart staan op sterke stelen en hebben een heerlijk zoete honinggeur. In knop zijn ze zacht roze.
Perfect ook voor een geurig boeket.
Vrij laat bloeiende enkele van het Japanse type met donker amarant rode bloemen en een warm goudgeel hart.
Goede snijbloem.
Echt wel rood.
Halfgevulde rozerode, afkomstig van Orville, de Amerikaanse veredelaar uit Illinois die ook veel Hemerocallis cultivars heeft geïntroduceerd.
Vroeg, dubbel wit met een vleugje roze als de knoppen net open zijn. Oudere bloemen zijn volledig wit.
Relatief hoog (100 cm), goed geurend.
Stevige lange stelen, ideaal als snijbloem.
Dit gekke ding werd naar verluidt gevonden in een boomgaard in Zuid Korea.
Bloemen in 3 lagen, als een ijsje.
Zeer sterk en aangenaam geurend.
In 1949 geïntroduceerd door de Nederlandse kweker Hoogendoorn en nog steeds zeer populair vanwege haar schoonheid en betrouwbaarheid.
Ze bloeit rijk met zacht roze, licht nostalgisch geurende gigantische bloemen tot 35 cm doorsnede.
Zeer geschikt ook als snijbloem.
Een van de sterkst geurende pioenen.
Bovendien een excellente gezonde tuinplant vanwege de bolronde vorm, rijke bloei en stevige stelen waardoor ze ook zeer vaas vaardig zijn.
Verbloeiend van donker naar licht roze.
Japans type, 1986 geïntroduceerd in Polen.
We hebben oude planten in de tuin waarvan ik deze uit zaad opkweek. Dat vergt jaren.
Als ze begin mei bloeien zorg ik dat ik thuis ben.
De sprookjesachtige, zeer grote helder witte bloemen met zwarte vlekken in het hart raken iedereen.
Joseph Rock ontdekte haar op de binnenplaats van een klooster in Tibet. In de natuur is ze zeldzaam aangetroffen.
Ze staat al 25 jaar in onze tuin, maar wordt makkelijk meer dan 100 jaar oud.
Mudan is Chinees voor boompioen. De 'gewone' heten Xibei Mudan. Rockii's worden Ziban Mudan genoemd wat duidt op de zwarte vlekken in het hart. Gansu Mudan, boompioenen uit Mudan, al dan niet met vlekken zijn de uitzonderlijk vitale, goed geurende, extra prachtige subgroep van Ziban Mudan.
"Heldere dauw op een tweehoornige bloem" bloeit rijk met 20 x 6 cm grote bloemen.
Zeer grote licht geurende gevulde bloemen met zacht gerimpelde bloemblaadjes in een diep donkerrode tot wijnrode kleur.
Boompioenen bloeien niet alleen spectaculair. De eerste jaren ga je trots het aantal bloemen tellen tot dat onbegonnen werk wordt. Ze vormen ook een mooie grillige struik met aantrekkelijk ingesneden blad.
'Rou Fu Rong' is een klassieke Chinese boompioen met reusachtige gevulde bloemen. Deze boompioenen staan al meer dan 20 jaar in onze tuin, dus ze gaan nog makkelijk 80 jaar mee. En ze maken elk jaar meer bloemen.
Ze zijn uitstekend winterhard.
Het enige wat ze nodig hebben is diep-doorlatende lemige grond.
Vrij vertaald: "Zwarte draak met een fantastische bloem in z'n bek."
Ook een rockii maar dan gevuld en gekleurd waardoor je de zwarte basaalvlekken niet ziet.
Deze boompioenen zijn de beste voor ons klimaat omdat ze laat uitlopen hebben ze geen last van nachtvorst.
Klassieke Chinese boompioen met fel roze chrysant-vormige bloemen uit de Central Plains-groep..
Boompioenen zijn zeer langlevend en goed winterhard.
Ze vragen net als rozen en andere pioenen twee of drie keer per jaar bemesting. Wij hebben hiervoor een goede plantaardige meststof.
Ze bloeien op tweejarig hout. Snoei dus alleen beschadigde of kruisende takken.
Dit zaairas heeft misschien wel de grootste bloemen onder de oosterse papavers.
Ze is klassiek donkerrood met een zwart hart, en heeft ranke kale bloemstengels. Ook de rood aangelopen zaaddozen mogen er zijn.
Grootbloemige vaste papaver in een zeer aangenaam zalm-roze.
Papaver orientale verliest in de zomer na de bloei haar blad.
Zet haar dus vooraan in een border. Maar achter een andere plant die het van haar over neemt.
Eenmaal goed aangeslagen vormt ze een makkelijke polvormende vaste plant
Van hetzelfde kaliber als 'Perry's White' even sterk dus, misschien zelfs toch nog witter, met een diep zwart hart.
Na de bloei sterven ze helemaal af om in de herfst weer op te komen.
Met liefde.
'Monocarp' (eenmaal bloeiend), collega's noemen het vaak tweejarig, is net zoiets als 'Carpe Diem' (pluk de dag). Of zoals mijn guru zou zeggen: "You should be diggin' it while it's happening 'Cause it just might be a one-shot deal." (FZ) Meestal is al het tweede jaar een heerlijke wollige wolk op 150 cm hoge purperen stelen je deel.
Ze zaaien zich bovendien rijkelijk uit.
Ik zaai per pot meerdere zaden waardoor je kans hebt op vaker bloei uit dezelfde pot. Genoeg tijd dus voor de zaailingen om het over te nemen.
Een rijk bloeiend fontijngras met dikke wollige aren.
Ze is wat meer natuurlijk van uitstraling dan de meeste voor mij wat al te strakke lampenpoetsers.
In de herfst kleurt het blad oranje, later wordt het donker geel en uiteindelijk resulterend in een beige, zeer goed winterbeeld.
Fijn, strak opgeruimd en uitstekend presterend maar toch nog een beetje losjes.
Het heeft lang geduurd tot ik deze leerde waarderen. Ik vond de lampenpoetsers nogal stijfjes en begon met de wat minder gangbare vormen. In de loop der jaren viel mij op hoe mooi hun winterbeeld is. Tot de winter zijn het nette polletjes die voor siergrassen vrij vroeg bloeien met strakke pluimpjes.
Je ziet ze vaak in grote groepen in de voortuinen van strakke witgeschilderde villa's. Soms met een paar berkenboompjes en verder niets.
Deze schoonheid vormt een flinke pol met forse,. Het is een vroeg bloeiende selectie uit 'National Arboretum'. De forse, tot 6 cm dikke, aren beginnen purper-roze en verkleurem naar bruin-purper het blad krijgt een fijne gele herfstkleur.
De dikke pluimen buigen elegant door en zijn ook heel geschikt voor de vaas of als droogbloem.
Onderhoud: Je knipt ze diep terug in het voorjaar. Dat is alles.
Laag siergras dat elegant breed uitwaaiert en lang bloeit.
Lastig om niet even aan te zitten of het te aaien.
De juiste bloeitijd voor veel prairie stijl combinaties, maar ook prima als solitair.
Eleganter dan de meeste, lampenpoetsers. Ik vind ze bijna allemaal iets te stijfjes.
De dwergvorm van 'Blue Spire'. Deze dingen komen uit de Mongoolse stenige steppe waar ze samen met Eremurus staan. Ze hebben dus niets nodig behalve zon. Kou deert ze ook niet.
Diep snoeien in het voorjaar.
Deze zilveren droom, samen met Echinacea en Verbena, vormt sinds 2010 de ruggengraat van onze prairie border.
Peter Catt van Liss Forest Nursery, Hampshire, Groot-Brittannië is de uitvinder van de beste Russische salie tot nu toe: 'Lacey Blue' en in 2012 introduceerde hij 'Silvery Blue'.
Nog ietsje lager en dus steviger maar vooral vanwege het zeer zilveren blad een opwindende introductie.
Ze zijn allemaal prima winterhard en geurig.
Zilveren Djengis Khan lavendel.
Extra zilver blad en zeer rijke volle bloei kenmerken deze recente dwergvorm gevonden tussen zaailingen van 'Blue Spire'.
Knippen zorgt voor herbloei. Maar doe dat in ieder geval elk voorjaar.
Goed voor een zilveren medaille op Plantarium 2009.
Deze heeft de fijnste wollige bloemen.
Een simpel bruikbaar perfect bodembedekkend ding is dit.
De bloemen verkleuren van zacht roze naar diep purper rood.
Sterk en makkelijk om van die lastige vakjes mee te vullen of voor randjes.
Als ze uitgebloeid raken, wat enig geduld vergt, mag je er met de grasmaaier overheen.
Ik ga hier niet omheen draaien; dit is gewoon een simpele bodembedekker en we zijn er wegens gebrek aan tijd en aandacht nog niet achter welke affinis nu de allerbeste is.
Tot nu toe weten we zeker dat ze onverwoestbaar zijn en allemaal rood en roze tegelijk kunnen bloeien.
Lekker laag zijn ze ook allemaal, dus zijn het perfecte bodembedekkers.
Een stevige op zichzelf staande cultivar met goed gave bloemen in volle aren.
Als allemaal, onverwoestbaar.
Deze selectie uit 2008 van Jan Spruyt is hot.
Een recente introductie van Chris Ghyselen, de Belgische tuinarchitect en tevens Persicaria koning. De meeste van onze Persicaria zijn door hem geselecteerd.
Deze nieuwe bloeit rijk en lang met zeer ranke lange bloemstengels.
Persicaria zijn heel sterk en makkelijk en bloeien meestal tot de eerste vorst waarna ze abrupt in elkaar zakken.
Persicaria amplexicaulis 'Alba' kan het schudden, dit wordt de nieuwe standaard.
Rijke bloei met fijne lange, zeer elegant doorbuigende spitse aren.
Net zo onverwoestbaar als de rest.
Met dank weer aan de specialist Chris Ghyselen.
Kroes is mooi, plat is lekker. Topkoks weten hoe heerlijk zoet Italiaanse peterselie is. Ik zou nog verder willen gaan, wanneer je echt drastisch wilt schiften: aan de peterselie herken je de kok.
Als ze na de winter bloeien worden ze een beetje bitter, maar deze kan zich wel in stand houden door zelf uitzaai.
Wellicht het allerbelangrijkste keukenkruid dat er is.
Nog een keer: peterselie is het allerbelangrijkste keukenkruid dat er is. In de rijke plattelands keuken komt het dagelijks op tafel. Mijn Duitse tante heeft een zeer grote moestuin, alle bedden zijn er omzoomd met deze peterselie. Ze produceert er tonnen van. Voor de winter legt ze peterselie in, in zout. Invriezen voor de winter kan natuurlijk ook.
Persoonlijk vind ik de platte lekkerder.
Deze majestueuze schermbloemige kan een beetje tippen aan Ferula. Dus ze is geweldig.
Het blad komt niet hoger dan 70 cm, de rest vormt het transparante bloemstengel festijn. Die stengels zijn bovendien donker purper.
Een zeer bruikbaar verticaal element voor je border dus. Ik denk daarbij aan prairie hoewel ze oorspronkelijk uit zuid-oost Europa komt.
De combinatie van de aristocratisch oudroze bloemen met het grijs wollig behaard blad met een gele waas is helemaal naar mijn zin.
Van de Balearen, maar bij ons prima winterhard. Ze kan in een strenge winter wel bovengronds afsterven om daarna opnieuw uit te lopen. (Dat is de afgelopen 10 jaar niet meer gebeurd.)
Onmisbaar in mijn tuin.
Een licht verhoutende, heesterachtige Phlomis soort met ook in de winter heerlijk donkergroen blad en de hele zomer, tot laat in het najaar okergele bloemen.
Uit Turkije, dus bij ons volledig winterhard.
Ze staat al vele jaren, met haar fijne bladkleur en heerlijk donkere bloemen, in onze tuin voor mediterrane sfeer te zorgen.
Deze wordt wel verward met Phlomis russeliana, Het zijn beide kruidachtige, dus niet verhoutende soorten, maar deze is subtieler van kleur en veel hoger. De verfijnde combinatie van groen-grijs wollig blad met zacht roze met beige bloemen vind ik heel aangenaam. Het is mede vanwege haar hoogte een indrukwekkende plant die soms zelfs de 2m haalt.
Ze is prima winterhard en half bladhoudend.
Turkse salie, uit Griekenland.
Architectuur van het stoerdere, rechtovereind staande soort.
Etage na etage lieflijk roze bloemen aan donkere stelen.
Makkelijk, maar desondanks meer iets voor de gevorderde tuinier omdat alleen die inziet hoe slecht hij zonder deze kan.
Geurende witte wolkjes die het voorjaarsgevoel aanjagen.
Heerlijk helder, lichtgevend bijna.
Ze verdraagt schaduw wonderwel.
Veel Phloxen hebben last van drie dingen: tweekleurige bloemen in foute kleuren en meeldauw.
David heeft nergens last van.
De bloemen geuren en kunnen ook op de vaas.
Een sterke witte bordervuller.
Net als de rest van de kruip phloxjes wolkig en laag, maar dan met een vleugje blauw in het wit.
Voor de zachte kleuren border.
Bloemetjes die zichzelf verkopen.
Vijftien centimeter sneeuwgarantie in mei biedt deze een eenvoudige, gemakkelijke vaste plant waar je grote vakken mee kunt vullen.
Ze staat niet graag al te donker of te droog in de zomer.
Maagdelijk wit.
Het donker purperen blad doorstaat milde winters ongeschonden. Mocht het bevriezen, dan krijg je prachtig nieuw blad in het voorjaar. Zoals meestal; hoe kouder, hoe donkerder. De combinatie met de heerlijke paarse bloemetjes is ook geslaagd. De bloemen zijn diep donker en bijzonder groot voor jakobsladder.
Een geweldige nog vrij nieuwe introductie.
'Stairway to heaven'.
Pluot is de samentrekking van plum en apricot een kruising dus van een abrikoos met een Japanse pruim.
Pluot is niet zelf bestuivend. Bestuiving is mogelijk met abrikoos, pruim, sierpruim of een ander ras pluot.
De smaak van de gladde vruchten is bijzonder goed, zeer zoet en complex.
Abrikoos-pruim is in Californië ontwikkeld door Zaiger's Genetics.
Alleen al vanwege de naam maar ook vanwege de fabuleuse smaak zijn we dol op de reusachtige, stokoude 'Schneiders Späte Knorpelkirsche' in onze schapenweide. 'Dönissens', omstreeks 1824 in Duitsland gevonden, is net zo lekker en ook goed productief. De oogst is relatief laat; vanaf eind juli. Bestuiving kan met de meeste andere rassen uitgezonderd 'Kordia' en 'Techlovan'.
De beste gele.
'Kordia' is een goed zelf bestuivende zoete kers met een diep rode, bijna zwarte kleur.
De kersen rijpen in juli en zijn heerlijk zoet en aromatisch van smaak.
Snoei 'Kordia' in het voorjaar in een vaasvorm. Laat vooral horizontale takken uitgroeien.
'Regina' is een kruising uit 1981 van 'Schneiders Späte Knorpelkirsche' (dat zijn de grote kersenbomen op onze kwekerij) met 'Rube'. De kersen hebben een bijzonder goede smaak en aroma en weinig last van barsten, ze rijpen relatief laat, eind juli.
Ze is zelfbestuivend, maar andere kersenrassen in de buurt geven meestal een wat hogere opbrengst.
Dit zijn kleine boompjes, dus goed te verzenden. Omdat ze laag veredeld zijn blijven ze klein.
'Stella' is een vruchtbare, donkerrode, vrij zoete kers met een goede smaak, weinig gevoelig voor barsten.
De kersen rijpen omstreeks half juli.
Ze is zelfbestuivend, maar andere kersenrassen in de buurt kunnen de vruchtzetting bevorderen.
'Stella' is een Canadees ras (1970), van nature vrij compact.
Deze planten zijn bovendien laag geënt, het blijft dus een klein boompje.
'Sylvia' is een vrij late (eind juli), zelf bestuivende zuilvormige zoete kers. Het blijft een smal opgaand, klein boompje, dat weinig snoei vraagt. Als zuilvorm kan ze ook in pot op het terras worden gehouden.
Kruisbestuiving met andere rassen zal de opbrengst verhogen.
In de volle grond hoef je ze ook geen water te geven en vergt ze nog minder onderhoud.
Eindelijk kunnen we ook deze klassieker van voor 1850 uit ons lieve buurland aanbieden. Ze heeft zeer goed smakende grote donkerpaarse vruchten met groen-geel vruchtvlees die vanaf half augustus rijpen. Ze is zeer ziekte resistent.
Ze is prima zelfbestuivend, maar de opbrengst kan worden verhoogd door kruisbestuiving met 'Anna Spath', 'Czar','Monsieur Hatif', Opal', 'Reine Claude d'Althan' en 'Victoria'.
Met mate snoeien in het voorjaar.
De 'Hauszwetsche' is een ziektevrije zelfbestuivende zoete pruim met grote langwerpige vruchten. Het groen-gele vruchtvlees laat goed los van de pit. Ze geeft een goed regelmatige opbrengst.
Ook hier geldt; zelf bestuivend maar geeft nog meer opbrengst met andere rassen in de buurt.
Matig snoeien in het voorjaar of meteen na de oogst.
Voor je Proermevlaai.
Zuilvormige pruimen zijn een recente ontwikkeling. Ze maken hele korte vruchtbare zijtakken waardoor ze als een ± 80 cm brede kolom groeien en snoei vrijwel niet nodig is. Ze kunnen dus ook in pot maar in de volle grond vragen ze veel minder aandacht. 'Mirabelle Ruby' is zelfbestuivend, maar zoals vaak het geval: de opbrengst wordt nog beter wanneer ze worden kruisbestoven, bijvoorbeeld door: 'Mirabelle de Nancy', 'Opal' of 'Victoria'. Het vruchtvlees is geel-rood, de smaak is zoet met een vleugje perzik.
'Opal' is een van onze favoriete pruimen. Ze is gezond, makkelijk en redelijk zelfbestuivend. Ook kan ze als bestuiver een rol spelen voor andere rassen zoals 'Victoria'.
Het vruchtvlees is geel en het velletje heet blauw te zijn, maar dan wel pruimenblauw.
Deze zelffertiele pruim, in 1860 gevonden in Frankrijk, is tamelijk groeikrachtig. Als laagstam blijft ze relatief klein. De grote vruchten rijpen in augustus. Ze zijn zeer zoet, aromatisch en sappig.
Hoewel ze prima zelfbestuivend is kan bestuiving door bijvoorbeeld 'Bleue de Belgique', 'Reine Claude d'Althan' of 'Victoria' de opbrengst nog vergroten.
Ook 'Stanley' is zelf bestuivend. Maar als je er plaats voor hebt plant dan een aantal verschillende rassen, zowel om de oogst te spreiden, de opbrengst te verhogen als omwille van de subtiele smaakverschillen.
De grote ovale, sterk berijpte vruchten rijpen omstreeks eind augustus tot half september.
Na de oogst of in het voorjaar licht snoeien in vaasvorm zodat de zon diep in de kroon kan doordringen.
Nog zo'n lekkere pruim, het ljkt wel of we ze `zelf hebben uitgezocht.
Ook deze is redelijk zelfbestuivend hoewel de vruchtzetting altijd beter is als er een ander ras in de buurt staat. In dit geval bijvoorbeeld 'Opal'.
'Victoria' is zoet- aromatisch. Pruimentijd is het eind augustus.
In onze tuin staat een inmiddels redelijk grote, wat rommelige zaailing waar we elke winter de noten van genieten. Ze hebben een wat dikke schil maar smaken prima.
'Robijn' is geselecteerd op resistentie tegen late nachtvorsten.
Dit is een netjes opgekweekt boompje met een mooi rechte stam en een bolrond pruikje.
Het is de eerste fruitsoort die bloeit en dus waardevol voor hommels, bijen en andere insecten.
Deze meeldauw resistente selectie heeft donker groen blad met sterk contrasterende grijze vlekken.
De bloemen verkleuren, zoals bij de meeste, van roze naar blauw.
Pulmonaria groeit graag op vochtige humusrijke schaduwplekken. Deze verdraagt wat meer zon en droogte.
Als vroege bloeier waardevol voor onder ander hommel koninginnen.
Deze kreeg in 1999 op het Plantarium in Boskoop heel toepasselijk de zilveren medaille.
Een van de beste volledig zilverbladige vormen. Het glanst warempel in de zon.
De bloemen verkleuren van roze vrij snel naar blauw.
Glimmend van trots nog steeds.
Een zeer rijke bloeier in een aangenaam koraal rood met lang smal spits, rijk gevlekt, rechtopstaand blad.
Een vrij recente kruising met genen van Pulmonaria longifolia, de lang blad kampioen.
Geef ze een rijk plekje in de vochtige schaduw en je hebt er geen omkijken naar.
Na bijna tien jaar komen we er eindelijk aan toe deze te vermeerderen en ik werd er bovendien pas onlangs op gewezen dat longkruid erg geliefd is bij sluipwespen die luizen uitroeien.
Het kan bijna niet mooier: Vroege bloei en het hele jaar zilver bodembedekkend blad.
Tijdens het groeiseizoen staan ze graag vochtig.
Een goede rijk bloeiende witte met gevlekt blad. Iets beter zelfs dan 'Sissinghurst White' vanwege de betere groeikracht en iets grotere bloemen.
De naam werd aangepast, was: 'White Wings'.
Als het ijs verdwenen is dansen we door de tuin.
Een Duitse cultivar met dun gevlekt zachtgroen blad en dromerige zachtroze bloemen.
Lang de beste roze naar wij dachten maar inmiddels zwaar beconcurreerd door 'Pink Haze' en 'Pierre's Pure Pink'.
Kies zelf maar.
Zuiver witte bloemen in het vroege voorjaar, zo rond Pasen een soort mijlpaal.
De zaden ontstaan in heerlijk warrige pluizen waar de plant nog lang sierwaarde aan ontleent.
Ze mogen graag in een soort rotsplant omgeving groeien.
Wit wildemanskruid is helemaal pluis.
Paasklokjes zou je ze kunnen noemen deze fijne vroege en best grote bloemen voor zo'n kleine plant.
Als ze het naar hun zin hebben, op een best warm plekje in doorlatende grond kunnen ze hele plakken vormen.
De zaaddozen zijn lollige pluizebollen.
Deze is veel verfijnder dan de andere Pycnanthemum, met haar smal geveerd blad.
Kleine knoopachtige witte bloemen in clusters, de hele zomer
dit is geen muntsoort, maar ze heeft wel een munt-geur.
Het geslacht Pycnanthemum werd vroeger tot de Mentha gerekend.
Een amerikaanse bosrandplant met heerlijk zilveroplichtend topblad.
Een van de beste vlinderplanten die er zijn!
Bovendien heerlijk geurend.
Het blad kun je vers kauwen, of je kunt er thee van maken.
De eerste keer dat ik deze plant met paars gespikkelde witte bloemen en smal grijzig blad uit het zuiden van de VS zag stond er een bordje bij met: Origanum viride. De bijen uit een nabijgelegen korf vlogen er massaal op, zo'n bevlogen plant zag ik daarna nooit meer.
De groeiwijze lijkt inderdaad op die van marjolein. Het is ook een ex-munt: vroeger heette ze Mentha pilosum.
Die muntgeur blijft en wordt na drogen zelfs nog sterker.
De zoet sappige vruchten rijpen eind september en smelten quasi in je hand.
In 1820 gevonden door Bonnet uit Boulogne sur Mer en vernoemd naar
monsieur Hardy, directeur van de 'Jardin de Luxembourg' in Parijs.
Ze kan zich zelf bestuiven maar de opbrengst wordt aanzienlijk verhoogd wanneer een van de volgende rassen in de buurt staan: 'Bonne Louise d'Avranches', 'Charneux' 'Clapp's Favorite', 'Conference', 'Doyenné du Comice', 'Gieser Wildeman', 'Supertrevoux' of 'Triomph de Vienne'.
Als ik twee peren moest kiezen, dan deze en 'Doyenne du Comice'. En gelukkig zijn die twee ook nog goede bestuivers voor elkaar. Lang gelden hadden we een boomgaardje in beheer met vooral 'Conference', de 'Doyenne du Comice' stonden er tussen als bestuivers.
Goed bewaarbaar en lang lekker.
'Decora' maakt een mooie volle zuilvorm. De peren zitten aan korte zijtakken dicht tegen de stam. Uiteindelijk wordt deze zuil 150 tot 180 cm hoog.
Ze is zelfbestuivend.
Houd de zijscheuten kort door ze in de zomer te snoeien tot op enkele centimeters van de stam.
De rode blos geeft het al weg; heerlijk zoet, sappig en aromatische vruchten in september-oktober.
En dit is mijn allerliefste peer. Ze worden ongeëvenaard zacht en sappig wegsmeltend als ze goed rijp zijn.
Ook deze kan een flink stuk de winter in worden bewaard.
'Conference' is een goede bestuiver maar ze kan zich ook redelijk zelf bestuiven. Er kunnen dan zelfs pitloze peren ontstaan.
Gevonden door Comice Horticole de Maine et Loire en in 1849 geïntroduceerd.
Deze peer maakt geen kroon. De vruchttakken blijven kort dus de heerlijk zoete sappige peren hangen dicht bij de stam. Ze groeit traag en blijft zeer compact. Snoei is vrijwel niet nodig. Zeer geschikt dus voor een kleine tuin, of zelfs in pot.
Ze is bovendien goed zelfbestuivend.
In oktober haal je je plintenladdertje uit de schuur voor de oogst.
Zuilvormen van fruitbomen zijn hip. Ze zijn ideaal voor kleine tuinen en kunnen zelfs in pot op een balkon of als fruitheg worden geplant. Het zijn speciale rassen die heel weinig groeien en hele korte vruchtbare zijtakken maken. Ze hoeven ook niet of nauwelijks gesnoeid. Voor een haagje plant je deze 60-80 cm van elkaar.
'Obelisk' is zelffertiel, ze lijkt qua smaak op Conference', een zoete sappige peer dus.
Tof deze.
Nashiperen komen oorspronkelijk uit China en Japan, maar ze kunnen hier ook goed vrucht dragen.
Ze zijn eenhuizig en kunnen zichzelf bestuiven maar de vruchtzetting is beter als er meerdere rassen worden gecombineerd.
De zoete vruchten rijpen in september en hebben een beetje een karamel smaak. Ze kunnen tot februari worden bewaard.
'Chojuro' is zeer vruchtbaar, een oud Japans ras met goed smakende kleine vruchten.
Een soort peer in de vorm van een appel met een complexe zoete smaak met een vleugje peer, appel en meloen. De dunschillige, middengrote vruchten rijpen eindaugustus.
'Shinseiki' is een kruising tussen 'Nijisseiki' en 'Chojuro'. Ze is zelfbestuivend, maar draagt veel rijker met een ander ras erbij als bestuiver.
Het blijven fijne kleine compacte boompjes
'Tama' is een vroeg ras met kleine zeer zoete vruchten. De vruchten zijn lang bewaarbaar.
Ze bloeien vroeg, maar hebben minder last van nachtvorst dan gewone peren.
Nashiperen kunnen over het algemeen zichzelf bestuiven, maar ze zetten beter vrucht en dragen zeer rijk wanneer je verschillende rassen plant.
.
'Poncho' is een relatief nieuw ras met een goede smaak.
De groenvlezige stengels zijn aangenaam mild, fris zuur van smaak.
Plantafstand: 75 cm.
Je mag stengels oogsten tot de langste dag. Daarna stopt de groei, worden ze te taai en moet de plant weer op krachten komen voor volgend jaar.
Wat mij betreft de ideale combinatie van het beste van zwarte bes en kruisbes. De vruchtgrootte houdt precies het midden. Ze rijpen in juni / juli.
Snelgroeiende struiken zonder doorns die makkelijk tot een leuk mini-boompje te snoeien zijn. Vrijwel onvatbaar voor ziekten.
Commercieel worden ze niet geteeld omdat de bessen te verspreid hangen. Thuis is dat geen probleem.
Goed gesnoeid zien ze er al snel uit als stokoude druivenstokken.
Goed van smaak, goede trosvorm, dikke bessen en ongevoellig voor meeldauw.
Rijpt middentijds en uniform, dus geschikt voor het inmaken van grotere hoeveelheden.
Voor de inmakers.
Deze recente introductie blijt laag en compact. Bovendien is ze mild van smaak waardoor ze ook vers aangenaam van smaak is.
Ze is volledig zelfbestuivend, er hoeft dus geen ander ras in de buurt te staan.
De besssen rijpen vanaf juni.
Snoepjes op peuterogenhoogte.
Natuurlijk, de witte zwarte bes. Wat dacht je dan?
Het schilletje van de bes is doorzichtig vanwege het ontbrekend anthocyaan.
Ze zijn daardoor veel zoeter en super smakelijk.
Aanbevolen door de beste kenners ook omdat de plant zo makkelijk en gezond is.
Zeer zeldzaam en heel speciaal. Doe er iets top-culinairs mee.