'Poncho' is een relatief nieuw ras met een goede smaak.
De groenvlezige stengels zijn aangenaam mild, fris zuur van smaak.
Plantafstand: 75 cm.
Je mag stengels oogsten tot de langste dag. Daarna stopt de groei, worden ze te taai en moet de plant weer op krachten komen voor volgend jaar.
Wat mij betreft de ideale combinatie van het beste van zwarte bes en kruisbes. De vruchtgrootte houdt precies het midden. Ze rijpen in juni / juli.
Snelgroeiende struiken zonder doorns die makkelijk tot een leuk mini-boompje te snoeien zijn. Vrijwel onvatbaar voor ziekten.
Commercieel worden ze niet geteeld omdat de bessen te verspreid hangen. Thuis is dat geen probleem.
Goed gesnoeid zien ze er al snel uit als stokoude druivenstokken.
Goed van smaak, goede trosvorm, dikke bessen en ongevoellig voor meeldauw.
Rijpt middentijds en uniform, dus geschikt voor het inmaken van grotere hoeveelheden.
Voor de inmakers.
Deze recente introductie blijt laag en compact. Bovendien is ze mild van smaak waardoor ze ook vers aangenaam van smaak is.
Ze is volledig zelfbestuivend, er hoeft dus geen ander ras in de buurt te staan.
De besssen rijpen vanaf juni.
Snoepjes op peuterogenhoogte.
Natuurlijk, de witte zwarte bes. Wat dacht je dan?
Het schilletje van de bes is doorzichtig vanwege het ontbrekend anthocyaan.
Ze zijn daardoor veel zoeter en super smakelijk.
Aanbevolen door de beste kenners ook omdat de plant zo makkelijk en gezond is.
Zeer zeldzaam en heel speciaal. Doe er iets top-culinairs mee.
Grote trossen met dikke bessen.
De bessen hebben een zachte cassis smaak en vallen niet van de steel.
Handelbaar dus en zachtaardig van smaak.
Een heel goede zwarte, zo simpel is het.
Dit is geen zinkend schip maar een beste bes.
'Gloire des Sablons' is een oud (1854), maar vergeten ras met een heerlijke zachte zoete smaak. De bessen zijn zachtroze en halfdoorschijnend
We hebben grote volwassen struiken die soms dit jaar, maar zeker volgend jaar al bessen dragen. Ze rijpen vanaf eind juni.
Aalbessen zijn altijd zelfbestuivend.
Pink glory. Voor bij je champagne.
Een oud standaardras dat herinnert aan hoe we met de tuinbouwschool op excursie bij een bessenteler zagen hoe hij met een stok de takken naar beneden sloeg om ze half gebroken, vruchtbaarder te maken. Makkelijk dus.
Als ze een beetje kwarren knip dan een oude tak diep terug. Is daar een bruine gang te zien knip dan nog dieper tot er geen gangetje meer is. Dat is een mot die zich naar beneden vreet. Vooral bij oude planten.
Een gezonde goed productieve professionele cultivar met donkerrode, relatief zoete bessen.
Ze kan prima als losse struik op eigen benen staan, maar professionals telen ze aangeboden aan draad in rijen.
Plant afstand: 0,50-100cm.
Sappige geel witte bessen in gevulde trossen. Zoeter dan rode aalbes.
Begin juli rijpen ze.
Aan de tros zijn aalbessen wekenlang bewaarbaar.
Ze kan prima als losse struik geteeld maar produceert nog beter in rijen aan draad, plant afstand is dan: 50 tot 100 cm.
Voor de gouden eeuw van de eetbare tuin.
Een zeer goed smakende kruisbes die weinig gevoelig is voor aantastingen.
Maar het mooiste is; ze heeft amper doorns.
Dus het plukken voelt minder als een vorm van diefstal waarvoor je straf verdient.
Een makkelijke en gezonde kruisbes dus.
Een rijk dragend, zoet en gezond ras.
Middelgrote weinig behaarde vruchten
die niet snel barsten.
Dit is een meeldauwresistent ras en dat is een van de allerbelangrijkste eigenschappen bij kruisbes.
Als losse struik 1 m afstand houden in rijen 75 cm.
Rijp: augustus - september.
Een ziekte resistente cultivar met mooie ronde rode bessen.
Als losse struik 1 m afstand houden in rijen 75 cm.
Rijp vanaf juli.
De rode zijn wat zoeter.
Het spiegelei papaver spektakel. De bloemen zijn net een omelet.
Zilver-grijs blad, zuiver witte gekreukte bloemen tot 15 cm in doorsnede met een oranje-geel hart.
Ze staan graag droog en kunnen dan fors genoeg worden om er zo trots op te zijn dat je de bloemen gaat tellen. Meestal blijven ze wat lager dan de 2 m die ze kunnen halen Eenmaal aan de gang komen er elk jaar een paar takken bij.
Deze inheemse roos groeit graag in de volle zon in niet te natte kalkrijke grond vaak in combinatie met sleedoorn en meidoorn en in bosranden. Bijen en andere nuttige insecten vinden er hun voedsel en zorgen voor bestuiving. De flesvormige 2 cm lange botteltjes worden in de winter graag gegeten door vogels waaronder koperwiek en kramsvogel. Ze bloeit in juni en juli met 4-6 cm grote bloemen. Ze is bij ons 'aangewaaid' en staat prominent langs het pad naar ons kweekveld.
We hebben er meer dan 20 jaar over gedaan om de teleurstelling te verwerken veroorzaakt door de smaak van onze eerste doornloze braam 'Thornless Evergreen'. In de tussentijd hebben we het gevecht met de verrukkelijke gedoornde bramen opgegeven. Dit is ook een wat ouder ras, maar de s400 P15 30-40maak is veel aromatischer, fris zoet zuur, heerlijk, zoals het hoort.
Snoei in het voorjaar de afgedragen takken weg en bind de nieuwe doornloze jonge scheuten aan draad.
Dwergvormen zijn erg populair omdat ze het ook mogelijk maken fruit te kweken in een kleine tuin of op je terras. Bramen kunnen nogal stevig groeien en de lekkerste rassen hebben doorns. Daar heeft deze helemaal geen last van. Het is niet alleen een dwergje zonder doorns de bramen zijn heerlijk zoet-zuur.
Deze is bovendien doordragend. Vanaf begin juli tot de eerste vorst kun je hiervan snoepen. Als je de plant diep terugknipt in het voorjaar rijpen de eerste vruchten in augustus.
De naam van dit nieuwe Amerikaanse ras duidt op drie deugden:
- zeer goed van smaak
- zeer productief met grote vruchten
- sterke stengels en ziekte bestendig
Oh ja; en doornloos.
De vruchten rijpen snel, dus oogst regelmatig.
Deze kruising tussen braam en framboos geeft al vanaf half juni vruchten aanzienlijk vroeger dus dan bramen. Goed rijp zijn ze zeer aromatisch en geschikt om vers te eten of voor verwerking.
Ze draagt op tweejarig hout, dus je snoeit in het najaar of vroege voorjaar de oude takken tot de grond terug. Ze maakt lange takken dus je teelt haar het beste aan draad. Twee planten per strekkende meter is dan voldoende.
'Autumn First' is een Zwitserse verbetering van de klassieke 'Autumn Bliss' met betere ziekteresistentie en smaak.
Herfstframbozen worden uiterlijk maart tot de grond terug geknipt voor oogst van begin augustus tot eind september. Vanwege de late rijping hebben ze geen last van de larven van de frambooskever.
Je plant ze in rijen aan draad op 30 tot 40 cm van elkaar. Tussen de rijen houden we 120 tot 150 cm afstand.
'Autumn First' is de vroegste herfstframboos.
De gele zijn heel lekker en leuk bovendien.
Prima opbrengst ook.
Rijp vanaf augustus tot de eerste vorst
Herfstframbozen knip je in de winter of voorjaar volledig terug tot de grond.
Als je dat niet niet doet heb je de hele zomer af en toe een framboos.
Een gezond productief ras dat vanwege haar ziekteresistentie ook zeer geschikt is voor professionele biologische teelt.
Als je veel last hebt van wormtjes in de vrucht dan kun je beter herfstframbozen kiezen.
Tamelijk grote ronde, diep rode vruchten rijp in juni-juli.
Frambozen teel je het beste aan draad. Snoei steeds overjarige scheuten weg.
Dit is een sterk vertakkende dwerg herfstframboos die dus ook goed in pot kan worden gehouden of als solitair in een border.
Je mag haar in het voorjaar diep terugknippen. Dan slaagt ze er nog in om in juli de eerste vruchten te produceren. Dat gaat door tot eind september.
De gele vruchten zijn zoet en aromatisch.
Investeer in fruit.
Een remonterend ras met zeer zoete vruchten.
Rijp: juni en opnieuw in september
Als je deze in het voorjaar helemaal terug knipt gedraagt ze zich als een herfstframboos en krijg je de eerste vruchten in augustus. De totale oogst zal dan niet minder zijn.
Deze framboos groeit als een klein struikje en kan dus ook in pot. Ze heeft geen ondersteuning nodig. Je snoeit ze niet in het voorjaar, zoals herfstframbozen die op eenjarig hout vruchten maken, maar knipt in het najaar alleen de oude takken die hebben gedragen er uit.
De vruchten zijn zoet en aromatisch.
Letterlijk laaghangend fruit.
Tuinsnoep.
Een van de beste rassen van het moment. In de professionele teelt, met name biologisch het standaardras.
Zeer productief, ziekte resistent.
Aromatische niet te zoete langwerpige vruchten. Stevig en makkelijk te plukken.
Oogst vanaf juli.
Valentina Orange is een zeldzame, rijk dragende, gezonde zomerframboos met een bijzondere kleur. De smaak is mild en zeer zoet met een klein zuurtje.
Oogst vanaf begin juli.
Zomerframbozen dragen op tweejarig hout. Je knipt er dus in de winter de oude afgedragen takken tot de grond tussenuit.
Plantafstand aan draad: 3 planten per m1.
Erg fraai bij je dessert.
Miraculeus wat je allemaal kunt kruisen, deze ontstond in 1979 in Schotland als kruising van framboos met loganbes (R. x loganobaccus).
Ze is zoeter dan loganbes en heeft een sterke aromatisch smaak.
Groeit als een braam, met kleine pijnloze doorntjes.
Daar is weer zo'n gekke ingewikkelde kruising. Helemaal duidelijk is haar genetische oorsprong niet. Dat is een vraag voor D. Jennings van het het Scottish Crop Research Institute waar ze in 1988 werd gevonden.
De paarse vruchten rijpen in de eerste helft van juni.
Qua smaak houdt ze het midden tussen braam en framboos. De vruchtjes zijn relatief klein. Ze is doornloos, maar niet bijzonder ziekteresistent, dat hoeft bij braambozen geen probleem te zijn.
Een framboos mag je dit misschien officieel niet noemen. Maar ze zijn nauw verwant, groeien hetzelfde en vragen dezelfde verzorging als zomerframbozen. Vruchten komen aan het tweejarig hout. Je snoeit dus afgedragen oude takken tot de grond weg.
'Black Jewel' is zeer ziekteresitent en geeft een grote opbrengst aromatische vruchten.
Bijna een onkruid dat zich in onze vuurborder verplaatst via doorgebogen takken die steeds weer aanwortelen.
Je kunt ze natuurlijk ook netjes aanbinden en in toom houden.
Helemaal probleemloos.
Maar vooral heerlijk en prachtig met fijne rode haartjes op de stengels en de wit viltige onderkant van het blad. De bloemen en vruchten zijn net bloemstukjes.
Heerlijke sierstruik.
Een klasse apart; de kruising van Californische braam (R. ursinus), framboos en loganbes. Rudolph Boysen maakte deze kruising in 1923.
Zachtzure bijna zwarte vruchten.
Ze groeit als een braam, maar dan doornloos en smaakt als een braamboos.
Aanbinden.
Rechter James Harvey Logan experimenteerde omstreeks 1880 in zijn tuin in Santa Cruz met het zaaien van wilde bramen (Rubus ursinus). Enkele van zijn zaailingen bleken kruisingen tussen braam en framboos te zijn.
Loganbes draagt op tweejarig hout. Je snoeit dus elk jaar afgedragen takken tot de grond. Ze heeft niet-agressieve stekeltjes.
De bessen rijpen van augustus tot september en zijn zoet-zuur, lekker fris dus.
De doornloze kruising tussen Californische berenbraam (R. ursinus) en framboos. Vruchten ongeveer 3x zo groot als frambozen.
Snoei: afgedragen takken verwijderen.
Plantafstand: 50 cm in de rij.
Pluk: juli-september
Opmerkelijk sterk van smaak.
Heerlijk, een soort wonderfruit.
Hier gaat het alleen om de bloembodem want bloemblaadjes ontbreken. De schutbladen nemen die rol over in het groen. Wat overblijft is de conische zwarte bloembodem met een groen kransje en dat wordt in onze borders meestal heel leuk gevonden.
Bloemschikkers worden hier heel hebberig van.
Subtiel, maar dus niets mis mee.
De bijzondere bladvorm met blauwe glans doet mij denken aan middeleeuwse kruidentuinen.
Als kruid gebruik je het maar zeer met mate, af en toe een paar bladpuntjes. Het kan abortief werken, dus liever niet van de wijnruit snoepen als je zwanger bent. De etherische olie in het blad kan in de zomer blaasjes op de huid veroorzaken.
De rups van de Koninginnen Page kan er maar niet genoeg van krijgen.
Hier verheugen we ons al een tijdje op. Nu die leuke tweekleurige bloemen op de foto's ergens in de Himalaya van Salvia hians niet waar blijken te worden gemaakt kunnen we ons hier prima mee troosten.
'Azure Snow' is een makkelijke, goed winterharde plant. Net als veel andere Salvia kan ze als je ze in de zomer terug knipt herbloeien.
'Hercules' is net zo'n geval als 'Gea Viola': Het is niet Diederik z'n kleur maar ik ben er dol op.
We komen hier wel uit, maar mogelijk vergt dat nog jaren selecteren. Voorlopig vind ik dit een kanjer, vooral wat de bloemen betreft.
Microphylla type, dus vorstgevoelig, maar redelijk winterhard.
Een schaamteloze nieuwe zaailing van Salvia 'Shame' met grote ronde zacht maar intens roze bloemen.
De groeiwijze is tamelijk opgaand.
Gevonden door Diederik, dus hoewel officieel half winterhard best kansrijk in de volle grond.
Deze kruising van Salvia guarantica x Salvia orbingnaei is geselecteerd in Argentinie door Rolando Uria en Francisco Lozano en in 2022 geïntroduceerd op de Chelsea Flowershow.
Het is een compacte vorm met het uiterlijk van Salvia guaranitica. Ze zou nog iets winterharder zijn dan de originele 'Amistad' die we hier samen met de rest van de guaranitica's succesvol in de volle grond laten overwinteren.
Weer een vriend erbij.
Nu we toch in het geurende blad zitten; dit is een van de verschillende vormen van de fruitige ananassalie.
De voordelen van deze: rijk en vroeg bloeiend, sierlijk hartvormig blad en de bloemen zijn evengoed eetbaar, voortreffelijk in salade of vruchtendrank. Een minpuntje is dat de geur iets minder sterk is dan van die van kampioen ananassalie, 'Scarlet Pineapple' dit wordt door extra vroege bloei ruimschoots gecompenseerd.
De ware ananassalie. Het blad ruikt meer naar ananas dan ananas naar ananas ruikt. De bloemen hebben een zachte ananassmaak met een druppel zoete nectar onderin. Het zijn de lekkerste bloemen die ik ken. Ze bloeit laat in het jaar of heel vroeg in het voorjaar, want dit is een kortedagplant.
De wortel is winterhard tot -15oC en overleeft de meeste winters in de vollegrond.
Een heerlijk geurende kuipplant, met creatieve culinaire toepassingen.
Het kleine zusje van de te reusachtige en te laat bloeiende 'Indigo Spires'. Ze heeft wat meer het uiterlijk van Salvia farinacea (meelsalie) waarvan niemand weet dat dat ook een vaste plant is. Ze overleven beide soms buiten maar zijn dus net niet winterhard en je kunt ze natuurlijk als eenjarigen beschouwen maar in een koude kas overleven ze gemakkelijk.
Indrukwekkend van kleur en zeer lang bloeiend.
Deze opmerkelijke recente introductie met geveerd blad is in omloop als Salvia nemorosa. Het blad verraadt echter dat dit gekruist is met de Joegoslavische Salvia jurisicii. En dat was een bijzonder goed idee van de vinder, Jan Kraan. Haar habitus is wat compacter, minder los, dan Salvia jurisicii. Salvia nemorosa bloed lijkt qua textuur dominant. Ze bloeit vroeg en kan herbloeien wanneer je haar na de eerste bloei terug knipt.
Leuke nieuwigheid.
Deze opmerkelijke recente introductie met geveerd blad is net als haar zusje flamingo in omloop als Salvia nemorosa. Het blad verraadt echter dat dit gekruist is met de Joegoslavische Salvia jurisicii. En dat was een bijzonder goed idee van de vinder, Jan Kraan. Haar habitus is wat compacter, minder los, dan Salvia jurisicii. Salvia nemorosa bloed lijkt qua textuur dominant. Ze bloeit vroeg en kan herbloeien wanneer je haar na de eerste bloei terug knipt.
Leuke nieuwigheid.
Dit is de sensatie van 2019, deze uitzonderlijke nieuwe tweekleurige Salvia.
Ze is 'gevonden' door een amateur veredelaar uit Norfolk waar we nog veel meer moois van mogen verwachten.
In een flinke pot heb je er de hele zomer plezier van. Ze verdraagt tot ongeveer -12 en maakt dus ook in de volle grond een kans.
Terug van weggeweest; deze heerlijk zachte hoge hemelsblauwe.
De bloemen zijn 2-3 cm lang aan lange aren.
Ze bloeit vanaf juni door tot de eerste vorst.
De soort komt wild voor in Brazilië, Paraguay, Uruguay en Argentinië, aan beken en in bos. Ze is vernoemd naar de Guarani indianen uit Rio de la Plata. Maar we durven haar na jarenlange ervaring gewoon winterhard te noemen. Ze sterft in de winter tot de grond af. In het vroege voorjaar kan ze las hebben van slakken die de jonge scheuten afknabbelen.
De verbeterde 'Black & Blue' van Blooms is compacter, iets minder hoog en bloeit iets eerder.
De stelen zijn net zo zwart.
Een half winterharde plant die zeker tot -10 verdraagt. In pot overwinter je ze dus gemakkelijk in een koele donkere ruimte.
Met iets meer moed overwinter je ze ook in de volle grond misschien wel met succes.
Het wordt steeds gekker qua kleuren die kennelijk mogelijk blijken binnen een van mijn favoriete soorten. Dit is vermoedelijk een kruising van S. guaranitica met S. splendens.
Donker purperen knoppen met grote vurig roze bloemen.
Mogelijk vorstgevoelig, dus beschut planten of in pot.
Ik was al groot fan van Salvia guaranitica toen we ze nog binnen overwinterden. Nu blijkt dat ze de winter in de volle grond goed doorstaan ben ik helemaal in mijn nopjes. Ze staan allemaal in onze Salvia border en doen het daar fantastisch.
'Purple & Bloom' is een compacte vorm, net als 'Black & Bloom' en kan dus ook in pot.
Ze bloeit zeer rijk en lang aan donkere stelen.
Officieel half winterhard maar zeer kansrijk in de volle grond.
Groot en indrukwekkend met lange bloeiaren waaraan diep paarse bloemen uit zwarte knoppen komen. Kruising van Salvia guaranitica met Salvia gesneraeflora, ontstaan in Huntington botanische tuin, California, Kuipplant, verdraagt minimaal -10o C wellicht veel meer. We hebben ze jarenlang in de vollegrond gehad.
'Amethyst' is heel elegant vanwege de zeer lange bloeiaren. De bloemen zijn charmant, licht roze, calyx en stelen trekken het strak met hun donker purper-rood.
Hoger dan de meeste cultivars van Salvia nemorosa en betrouwbaar genoeg voor grote groepen.
Knip ze terug voor je op vakantie gaat. Als je terugkomt bloeien ze weer.
Indrukwekkende langgerekte statigheid.
De allermooiste Salvia nemorosa aller tijden.
Met name vanwege de contrasterende donkere, bijna zwarte stengels met donker paarsblauwe bloemen.
Perfect winterhard ook.
Dank je Beate, super spul!
Ik zou deze nooit laten staan. Maar jullie hebben die keus.
Een tamelijk donkere jongen. Die misschien wat snel verbloeit.
Daarvoor compact en zeer rijk bloeiend, want die dingen gaan vaak samen.
Knippen zorgt wel voor herbloei.
De best verkochte vaste plant aller tijden is deze eerste van Ernst Pagels. Hierdoor kreeg hij waarschijnlijk de smaak te pakken.
Het verhaal gaat dat Karl Foerster een zakje zaad aan Pagels gaf met de mededeling: "Da, sieh mahl was drin steckt!" Ernst Pagels selecteerde 'Ostfriesland' uit de zaailingen. Niet alleen zegt dat iets over het zaad maar vooral toch ook over het selectief vermogen van Ernst Pagels.
'Ostfriesland' is een rijke bloeier.
'Plumosa' zoals ze meestal wordt genoemd heeft bloemaren die zo gevuld zijn dat de bovenkant van de plant een grote bordeauxrode dot bloemen is. Feitelijk zien we niet de bloemen maar de schut-, de kelk en de steunblaadjes.
Graag zo zonnig mogelijk en droog planten. Het zusje van deze, 'Schwellenburg', is iets meer opgaand en losser vertakkend, minder zwaar gevuld.
Er worden voortdurend nieuwe cultivars van Salvia nemorosa geintroduceerd. Zo veel zelfs dat het voor ons nauwelijks bij te houden is. Grootbloemig en compact is de laatste trend. (Van mij mogen het ook best grote planten zijn.) Deze werd in 2013 geregistreerd door André de Gruyter. Naar het schijnt heeft hij inmiddels ook een mutant gevonden met nog grotere bloemen. Het gerucht gaat dat die als 'Purple Paradise' zal worden geïntroduceerd.
Het zusje van 'Pußtaflamme'. De bloemen zijn minder zwaar, wat losser waardoor ze veel beter rechtop staan. Verder lijken ze nogal op elkaar.
Een zeer fijne en bruikbare kleur.
Plezant pluizig purper uit de Oost-Europese steppes.
Een nieuwe zeer lage die enige gelijkenis vertoont met 'Marcus'.
Ze zijn rijk en goed her-bloeiend.
Het is een verbetering van een verbeterde, uit een Amerikaans proefstation.
Serieuze concurrentie voor 'Marcus'.
Een donker dieptepunt.
Tot voor kort was 'Marcus' uniek als mini Salvia. Maar er nu is er ook deze dwerg in aangenaam roze uit purperen stengels en knoppen.
Bijzonder compact en laag. Een echte randjesplant.
Een geweldig dieptepunt zeg maar.
De trend is dwergvormen sinds Salvia 'Marcus' een groot succes werd.
Wij snappen dat niet precies, maar dit is er weer een.
Ik ben zelf dol op stoere planten, maar in een kleine tuin of kleine border wil je wel eens een randje vullen met lekker laag spul.
Daarvoor is deze sensationeel perfect.
Gedroomde oplossing.
'Berggarten' is een lage, breed uitgroeiende cultivar met dik grijs-viltig reuzenblad. In goede tijden, als het in het voorjaar lekker doorgroeit, is het zo groot als spinazieblad. Snelgroeiend en zeer sterk. Het is een van de cultivars van Salvia officinalis die ook goed grondscheuten maken waardoor ze snoei goed verdraagt. Bloemen maakt 'Berggarten' slechts sporadisch.
Even de door de olijfolie en in de oven krokant laten worden voor over de sla.
Volgens mij is dit Salvia lavandulifolia. Ook na discussie met de vinder en naamgever Dr. Hans Simon, die veel respect verdient, blijf ik daarbij. We zijn samen met de zaklamp de donkere tuin van conferentieoord Grünberg in getogen om het te verifiëren.
Net als Salvia lavandulifolia dus: Heerlijk van geur en prima voor culinaire toepassing.
Je kunt beide zonder zaklamp bewonderen in onze lange zonnige salieborder.
Een goede productieve keuken salie.
Dik vlezig grijs blad dat wat groter en dikker is dan bij de meeste salie, maar niet zo groot als bij 'Berggarten' en 'Foglia Large'.
Zeer goed van smaak hoewel wat mild voor mijn doen.
Lekker ook om te roosteren tot krokante salie blaadjes voor over de salade of als 'croutons' voor op je soep.
Een van de beste voor beroepskeukensaliekwekers.
Een bontbladige klassieker met romig geelgroen gevlekt blad. Ze wordt gemakkelijk mooi gevonden als randbeplanting langs een zonnig pad.
Ook prima geschikt voor keuken gebruik. Misschien iets zachter van smaak dan de gemiddelde gewone salie.
Meer een bladplant dan een bloeier.
Echte salie is voor veel mensen de houvast in dit grote en zeer diverse geslacht van ruim 900 soorten. Alleen al van deze ene soort kennen we zo'n 48 verschillende vormen. Eindelijk kunnen weer een bijzondere nieuwe variant aan deze soort toevoegen.
Snowflake heeft grijs geribbeld blad waardoor het lijkt alsof er een dun laagje sneeuw op ligt. Het gaat vooral om het blad, bloemen maakt ze maar weinig.
Ze is heerlijk aromatisch.
Een hele fijne sterke cultivar en nette plant met groot donkergrijs blad dat ook intact blijft bij ongunstig weer.
De bloemknoppen zijn roodachtig en steken daardoor scherp af tegen het grijze blad.
Bijzonder sterk en goed voor tuin en keuken.
Het was ons al opgevallen, er zijn verschillende vormen van 'Purpurascens' in omloop. Dan krijgen de sterk op elkaar lijkende cultivars de gezamenlijke aanduiding 'Group'. Afwijkende vormen kunnen dan weer worden benoemd zoals: 'Robin Hill'. In ieder geval het zijn allemaal heel bruikbare planten met waardevol diep mat purper blad. Purperascens is vooral een bladplant, ze bloeit zelden en nooit echt rijk.
Prima voor keuken gebruik ook.
Wit bloeiende salie is een compacte plant, iets minder hoog dan de rest.
Niet alleen erg aantrekkelijk, maar ook heel lekker voor bij de pasta.
Ze bloeit zeer rijk en lang en als de bloemetjes zijn uitgevallen blijven de groen-gele calyxen nog lang sierlijk.
Je snoeit ze na de bloei (geduld, het houdt een keer op) diep terug, dan blijven ze lekker vol.
Een heerlijke potplant.
De grootste bloemen die je van Salvia mag verwachten en dan in het diepst donkerste blauw.
Ze verdragen tot 6 graden vorst en sterven in de winter af. Je kunt ze dus gemakkelijk in de kelder of garage donker overwinteren.
Voor een prachtige pot in je patio.
De nieuwe Salvia pratensis lijken veel beter te herbloeien dan we gewend zijn. Knippen loont zich dus toch.
Deze heeft hele grote bloemen in een fantastische kleur aan donkere stelen.
Diep donker paarsblauw en explosief bloeiend in juni. Kan daarna nog tot november wat af en aan nabloeien.
Knippen stimuleert de herbloei wat minder bij deze. Maar baat het niet dan schaadt het ook niet.
Omdat inheemse soorten zo waardevol zijn voor insecten voegen we er steeds meer toe aan ons sortiment. In dit geval is dat niet echt nodig omdat er genoeg cultuurvarianten en kruisingen zijn waar insecten evenveel baat bij hebben.
Dus omwille van pure eenvoud deze echte wilde vorm van veldsalie.
Je wil natuurlijk dat ze zich in je bloemenweide verder zaaien. Onze grond is daar helaas wat te rijk voor.
Salvia ringens is een half verhoutende plant uit de Balkan waar ze tussen 500 en 1300 meter groeit. Op de berg Olympus komt ze voor tot 1900 meter.
Ze heeft gelobt bodembedekkend blad en tot 80 cm lange elegante bloeistengels die daar ver bovenuit steken met tot 4 cm grote bloemen.
Lastig te fotograferen en zeer bijzonder: Blad dat de bodem bedekt en en zeer lange luchtige stengels met grote bloemen.
Een super salie die naar de Goden reikt.
Deze bijzondere kruising geïntroduceerd in de VS in 2020 zou volgens sommigen volledig winterhard zijn. Dat zou wel een heel spectaculair zijn aangezien ze zeer uitbundig en lang bloeit.
Maar: Salvia splendens is een tropische soort en Salvia darcyi overleeft in onze ervaring winters hooguit nipt. Koude kas dus boven -10 voor de zekerheid. Ze is nog heel nieuw en dus in een testfase. Ik ga haar zeker uitplanten in onze Salvia border.
Mooi genoeg voor een hele zomer potplezier.
Een forse snelgroeiende en rijk bloeiende plant. Het blad is geurig, de bloemen zijn blauw met een witte vlek. Ze houdt zich lang staande maar kan aan het eind wat steun nodig hebben. Over de winterhardheid ontstaan soms discussies, maar ik kan er kort over zijn, bij ons in een normale winter probleemloos, soms raak je ze kwijt. In het wild staan ze op vochtige plekken. Ons land voldoet kennelijk prima. Misschien is er in de achterhoek en het noorden van het land wat winterdek van bladeren nodig.
De bekende 'Schneehügel' moet volgens de Duitsers eigenlijk 'Adrian' heten en dat stimmt uiteraard. Maar het blijft even aangenaam zuiver wit.
Tot de grond terugknippen voor je op vakantie gaat, voor herbloei bij terugkomst.
Voor een toefje wit.
'Blauhügel' is de meest helderblauwe van het hele gezelschap. Erg geschikt voor langdurig blauw in de border
Lager en veel lichter van kleur dan Salvia nemorosa 'Caradonna'.
Makkelijke plant. Knip ze net als Salvia nemorosa na de eerste bloei diep terug voor herbloei.
Deze luchtige reus is kleinbloemig, violet blauw met een witte onderlip aan purperen stengels,
Botanisch dichter bij Salvia pratensis dan bij nemorosa wat zich uit in de natuurlijke onschuldige groeiwijze en weelderige bloei.
Anja heet Oudolf van achteren.
Donker violet uit donker purperen knoppen.
Een veelgevraagde klassieke cultivar, vooral vanwege de bekendheid en de duidelijk beschrijvende naam, maar het blijft een zeer oki doki plant, hoewel bijna, toch net niet de aller donkerste, zoals de naam doet vermoeden. 'Viola Klose' is bijvoorbeeld al iets donkerder.
Verwarring alom, want het geeft me wat Salvia's 'Serenade's.
Dit is die ultieme nog niet zo bekende veldsalie die Piet Oudolf mij vele jaren geleden toonde.
Donkere rechte stelen luchtig roze bloemen.
Goed herbloeiend als je haar knipt na de eerste bloei.
Voorbij verrukkelijk.
Lijkt op 'Ostfriesland' maar dan veel hoger met roze kelkblaadjes en elegante lange aren, zoals de naam al doet vermoeden.
Knippen voor herbloei.
Een van de beste winterharde Salvia.
Vlier groeit als een onkruid maar mij werd ook al regelmatig verteld dat ze bliksem en andere boze krachten afweren. Bovendien is het tegenwoordig een superfood.
Als je toch al een eetbaar bossage wilde planten dan is deze Oostenrijkse selectie onmisbaar.
Wat ongelijk rijpend, maar zeer productief met grote bessen. Ook bijzonder sterk pigmenterend mocht je wol willen verven.
Grote zwarte zoete vruchten volgend op witte wolken.
Een van de beste productierassen, voor de bessen maar ook voor de bloemen. Gelijkmatig rijpende grote trossen met dikke bessen in september. Tot 25 kg per struik.
Gebruik de bessen met mate. Het sap is helder, zoet, aromatisch en mild van smaak.
Voor je limonade, beignets en sap.
Deze moet iedereen planten, alleen al vanwege de afwijkende textuur.
Bovendien heel stevig, makkelijk en uitermate lieflijk met zeer geschikt blad.
Super pluimpjes spul voor je schilders palet.
Roze poezelige aartjes op 1 meter hoogte, wie wil ze op z'n palet?
Een zaailing van 'Tanna', de bloemen zijn wat langgerekter en de plant is hoger.
Romantisch en subtiel, bijzonder aantrekkelijk.
Een zeer lage Japanse selectie van de grote Pimpernel.
Leuke plant voor je purperen border, tussen het grijs, of waar nog maar samengebald rood bruikbaar is.
Fijn voor vooraan.
Eindelijk weer eens een nieuwe pimpernel die mijn hart verovert.
Ze bloeit zeer rijk en staat stevig overeind met stengels van 1 tot 1,5 meter.
Zo heerlijk hoe de aartjes elegant doorbuigen.
Smullen!
De meest stijve vorm en daardoor geschikt voor vormtuinieren in bollen of als haagjes. Donkergele knopjesbloemen, sierlijk grijs blad. Moet als jonge plant regelmatig worden gesnoeid anders
kunnen ze bij hevige regen uit elkaar vallen als ze net op hun mooist zijn.
Zeer sterk lekker grijs spul voor massale aanplant of accentjes.
Een zeer goede vorm, vrijwel identiek aan 'Sulphurea' maar met grijzer blad en net niet helemaal bijna witte bloemen.
Slappe, bossige groeiwijze. Niet te laat knippen voor de winter zodat je een mooie bol hebt de hele winter.
De naam werd er aan gegeven door de bekende Engelse boomkweker Hillier.
Vast bonenkruid is zeker zo aromatisch als eenjarig bonenkruid en heel veel handiger voor incidenteel keuken gebruik. Als mediterrane tuinplant wordt ze tijdens de rijke bloei ook altijd bewonderd. Ze groeit min of meer plat over de grond maar niet zo plat als Satureja alternipilosa. Een makkelijke prima winterharde plant. Makkelijk snoeien ook omdat ze elk voorjaar in het hart opnieuw uitloopt.
Een pittig prachtig kruid.
Een zeer aromatische, plat groeiende vorm met liggende stengels en zacht blad, rijk zuiver wit bloeiend in het najaar.
Dit is niet alleen de beste vorm voor culinair gebruik maar vooral ook een fantastisch bloeiende randplant om over een muurtje te draperen.
Wild in N-O Turkije en N-W Iran, dus prima winterhard.
Spicigera betekent: Met bloemstengels.
Scabiosa is een van de favoriete planten van vlinders. We hebben ze meestal in verschillende kleuren. Deze is recent toegevoegd.
De 'Perfecta selecties' hebben grote bloemen en bloeien over een lange periode.
Houdt het midden tussen blauw en paars, dus heet het violet.
Ik heb Scabiosa lang onderschat. En misschien neig ik nu wel naar het andere uiterste en overdrijf een beetje als ik zeg dat geen plant zo makkelijk en zo lang bloeit en zo standvastig is.
Ik hoef geen reclame te maken, ze zijn erg geliefd.
Zet er wel iets heel anders naast, zoals een Veronica met haar spitse aartjes.
Flamboyante hoeden op stevige stelen.
Uit de koude Kaukasus deze ideale snijbloem en statige cottage plant.
De bloemen zijn tot 7 cm in doorsnede en blijven maar komen.
Makkelijk.
Een fijne eenvoudige plant met z'n speldenkussentjes bloemen en zeer lange bloei.
Voor niemand te hoog gegrepen. of te moeilijk.
Na de winter een beetje bijknippen is alle verzorging die ze vraagt. Voor je het weet bloeit ze alweer.
Geschikt voor beginners. Vergeten door gevorderden.
Nooit gedacht dat we deze misschien wel allergewoonste plant ter wereld ooit nog zouden gaan vermeerderen.
Maar misschien is ze toch wat ondergewaardeerd. Rotsvast, zeer bijvriendelijk en vooral heel gemakkelijk
Mocht je daar aan denken, knip ze dan in mei nog een keer terug voor nog meer bloemen.
Had ik al gezegd dat je Sedum nog voller en steviger maakt als je ze in het voorjaar nog een keer terug knipt?
Afkomstig van Bob Brown, die hem eerst 'White Mountain' wilde noemen, maar er bij nader inzien toch liever een verwarrende naam aan gaf.
Enorme bloemhoofden grijs-groen blad.
Een zeldzame inheemse plant die vooral voorkomt op droge zandgronden in combinatie met Thymus pulegioides. Ze is geliefd bij bijen en hommels en waardplant voor de apollovlinder (die alleen in de bergen voorkomt) en de in Nederland zeer zeldzame wolfsmelkuil.
De Nederlandse naam is afgeleid van het Franse 'triquemadame'.
Een oersterke, makkelijke plant die veel wordt gebruikt op groendaken. (ook op onze bijenstal) Eetbaar, bijvoorbeeld in salades.
Wij zijn dol op lijsterbessen vanwege de herfstkleuren de bladvorm en groeiwijze en misschien nog het meest vanwege de vogels die er zo van genieten.
Plant een Sorbus en luister naar de lijster.
Ze zijn er in allerlei vruchtkleuren. Deze is donker purper met wat grover blad en is feitelijk een kruising met Aronia (appelbes).
Nog zo'n bijzondere sierlijke Siberische selectie van Ivan Vladimirovich Michurin, in 1929 speciaal geselecteerd voor eetbare, zoete vruchten.
Het is een zelfbestuivende kruising tussen Sorbaronia 'Ivan's Beauty' (een kruising van Sorbus en Aronia) en mispel (Mespilus germanica).
'Desertnaja' is de zoetste, best eetbare, compacte telg uit de lijsterbessen hoek.
Dessertvaardig en zelfs rauw eetbaar.
Bovendien bijzonder fijn voor vogels en insecten.
Clusters wollige bloeistengels, zwaar grijsviltig behaard en reuzen blad maken hier een beste bodembedekker van.
Dit is de meest grootbladige vorm van de ezelsoren, indrukwekkend en zeer bruikbaar in een groot massief van grijs.
Heerlijk blad voor je tuin en je zachte bovenlip.
Witgrijs wollig behaard blad met daarboven clusters wollige bloei stengels zonder zichtbare bloemen. De bloemen worden, net als bij een schapendoes de ogen, door het haar verbloemd.
Hele plant zwaar grijs viltig behaard.
Ik vind ze prachtig, zacht en effectvol.
Een rijk bloeiende zacht oudroze selectie van kwekerij Kabbes.
Opmerkelijk strak rechtopstaand.
Deze zeer betrouwbare gemakkelijke vaste plant vormt op den duur stevige pollen.
Pinky is een trotse betrouwbare kanjer die ik iedereen aanbeveel.
Dit is hem dan; die mythische plant. 100 keer zoeter dan suiker.
Wel leuk, af en toe zo'n blaadje kouwen terwijl je door de tuin struint.
Coca en Pepsi Cola worden hier nu ook mee gezoet. Van de suiker maken ze voortaan de flessen.
Door de groene smoothie spreekt voor zich.
Cheffies zoals Claude en Hermine kunnen er mee toveren.
Vorstvrij overwinteren. (een beetje vorst verdragen ze). Liever niet laten bloeien.
Zacht fijn blad en subtiele aartjes.
Of het nu bloeit of net niet meer is slecht te zien. Dit gras ziet er altijd even geweldig uit. Ook in de winter.
Liever niet knippen, zeker niet als ze niet aan de groei zijn. Hoeft ook niet, je trekt het dorre blad er in het voorjaar makkelijk uit.
Het waait lekker met elke wind mee.
Plant het overal massaal tussen, (denk aan Echinacea en Salvia) het is heerlijk.
Waar het kan laat je de zaailingen staan.
Een soort Buxus maar dan aangenaam geurend en bloeiend en gezond.
Je mag ze naar hartelust in model snoeien, maar ik zou dat na de bloei doen. Ze vormen uitlopers waardoor ze snel dichte polletjes vormen. Zelfs droge schaduw verdragen ze nog prima.
Hun donkergroene glanzende blad houden ze ook in de winter. Je kunt er de heggetjes om je lavendelvakken mee maken als dat perse moet.
Mijn liefde voor Teucrium flavum ontstond bij onze eerste ontmoeting in een rotsige berm in de Ardèche. Deze vorm met haar bolle glimmend groene blad komt onze relatie alleen maar ten goede.
Ze is bladhoudend, ook bij ons en vormt tamelijk strakke bolronde pollen. Het blad heeft een subtiele citroen-eucalyptus geur.
Een glimmend schone, opgeruimde plant.
Wat mij betreft de absolute winnaar in de categorie geslaagde combinatie van blad- en bloemkleur, dit diep donker paarsblauw met verfijnd zilver blad. Het is een winterbloeier, net als rozemarijn, maar omdat het bij ons in de winter te koud is bloeit ze vanaf het vroege voorjaar tot diep in de zomer. Je snoeit haar dus niet in het voorjaar. Ze is een verbetering van de verbluffend mooie 'Azureum' met nog grotere bloemen.
Enig minpuntje: Ze mocht wat mij betreft anders heten. Ik denk aan 'Indigo'.
De rijk bloeiende kruising van Teucrium chamaedrys x Teucrium massilense (uit Marseille). Een bladhoudend struikje met klein glimmend donker blad, kleine roze bloemen en een vleugje geur.
Geschikt voor heggetjes en (bestaan die nog?) knooptuinen.
Glanzend donkergroen, zomer en winter.
"Die belletjes, wat is dat?" Vraagt iedereen dan.
Heerlijke wolken elfachtige bloemen zijn het.
Het blad van deze vrij recente cultivar blijft nog langer mooi dan dat van tweelingzusje 'Elin' dat we al zo fantastisch vonden.
Heerlijk langlevend en groot spul.
Met trots kondigen wij aan uit Zweden: de gigantische. mijn favoriete soorten uit het geslacht bundelen hun krachten in deze plant; een kruising van T. flavum subsp. glaucum en T. rochebrunianum. 'Elin' wordt makkelijk meer dan 2,5 m hoog (niet meteen het eerste jaar) De bloemen zijn groot en heel zacht mauve. Het grijsgroen blad ontvouwt zich in het voorjaar antraciet-blauw. Dit alles opgehangen aan een forse bloem-paal zonder weerga.
Raak alsjeblieft nooit gewend aan dit soort revolutionaire nieuwe planten.
Dit elfje is weer zo'n fantastische introductie van onze lieve vriend Thierrry Delabroye.
Wat strakker dan de witte akeleiruiten die we tot nu toe kenden.
Stevig rechtop dus, goed vol en rijk bloeiend.
Fantastische elfachtige witte wolken.
En weer een nog best nieuwe.
Sterk en makkelijk in ieder geval.
Thalictrum delavayi heb ik altijd al geweldig gevonden, nu er zo veel selecties en kruisingen zijn begint het kiezen lastig te worden.
Ook hier belletjes bloemen op lange donkere dunne stengels.
Heerlijk lichtgevend geel uitlopend blad in het vroege voorjaar. Het ziet er kwetsbaar uit maar loopt bij weer en wind krachtig uit. Ze kan gezaaid en gedeeld worden want natuurlijk wil je her en der deze lekker gele voorjaars toef. De bloemen komen in wolkachtige pluimen als het haar van de componist waar altijd bij wilde haren aan gerefereerd wordt.
Insecten hebben veel baat bij haar stuifmeel.
Een spannende donkerbladige vorm gevonden door Sandrine Delabroye.
Het grijs-bruine blad contrasteert aangenaam met de luchtige 'bloempluisjes'.
Ze wordt, afhanjkelijk van omstandigheden, 80 tot 120 cm hoog.
Akeleiruit is insectenvriendelijk, goed winterhard en standvastig.
Eindelijk weer eens een niet bonte maar aangenaam frisgroene citroentijm.
De beste citroentijm voor de keuken. Zuiver en fris van geur en smaak. De geur en de vorm van de plant zijn identiek aan 'Silver Queen'. Ze groeit als een bolrond struikje.
Deze kwam heel lang geleden naamloos tot ons. We hebben de naam samen met onze tijmvriendin en Engels collectiehoudster Margaret Easter bedacht.
Deze het sterkst van allemaal naar citroen geurende tijm is officieel geen citroentijm. De geur is precies die van citroenverbena of verveine (Aloysia triphylla).
En die ruikt meer naar citroen dan citroen zelf naar citroen geurt.
Sterk en makkelijk, zeer vol en bossig groeiend.
Vooral die Goddelijke geur is onovertroffen.
Wol-tijm heeft harig blad dat de plant een grijs-viltig uiterlijk geeft.
In de winter is het donkerder; een soort grijs-antraciet.
Het is een harde groeier. Over een muurtje kan ze heerlijk gaan overhangen. We hebben een pol in onze grijze border die wel 50 cm overhangt.
Op de juiste plek; droog en zonnig, een van de meest standvastige kruiptijmen.
Knuffeltijm.
Groot opvallend crème gevlekt, rond blad met soms een vleugje roze.
Een vrij onbekende, bonte cultivar van deze inheemse tijm. De wilde vorm komt voor op kalkrijke grond in de duinen, Zuid Limburg en het rivierengebied. Zoals valt te verwachten doet deze het prima in ons klimaat. Ook schaduw wordt nog redelijk goed verdragen.
Bloeirijke, donkere in Joegoslavië wild gevonden selectie van onze inheemse grote wilde tijm.
Bossig kruipend met groot glanzend, donkergroen blad en lange bloeiaartjes.
Als inheemse soort op zijn plek en vanzelfsprekend heel makkelijk, ze verdraagt zelfs wat schaduw.
Tijm zonder kapsones, eetbaar, maar niet echt lekker, wel prachtig.
Deze gewone inheemse kruiptijm kan tot -50 graden vorst verdragen.
Het is een gemakkelijke plant voor droge zonnige plekjes.
Je kunt ze laten verwilderen, eventueel ook in een arme kalkrijke grasberm zoals die van ons. In Engeland heten ze niet voor niets 'shepards tyme'.
Groeit op het groendak van de bijenstal op het hoogste punt van onze kwekerij.
De platte uitvoering van 'Elfin', hoewel ook deze zich uiteindelijk in een bolletje omhoog kan stuwen.
Deze klassieke fijne kruiptijm, of looptijm. is een trage groeier met klein nauwsluitend blad. Een goede en betrouwbare strakke bodembedekker voor de volle zon.
Compact en plat, sterk.
Wollig, diep olijfkleurig blad en een feestelijke hoos van opvallende fris roze bloemen in juni.
Probleem kan zijn; de overdreven rijke bloei. Bij ongunstig (nat) weer willen ze zich nog wel eens bijna kapot bloeien.
Maar meestal herstellen ze zich prima na een regen opdoffer.
Bloemenfeest dus.
Als deze bloeit is het blad onder de bloemen niet meer te zien. De sneeuwwitte bloemen hebben liever niet te veel regen, dat is logisch.
Gelukkig voor de naar nectar zoekende insecten is deze schoonheid goed vast.
Als het weer een klein beetje meevalt is dit rijkelijk sneeuw voor de zon.
Vermoedelijk is dit een zeer oude cultivar uit 1914 van Six Hills Nursery. Maar in al die jaren wil wel eens wat verwisseld worden.
Dus we houden de aanduiding vaag.
Donkergroen blad en donkerroze bloemen. Sterk en betrouwbaar. In de winter kleurt het blad antraciet.
Vroeg en bijzonder rijk bloeiend.
Zeer plat.
In de verte op lavendel lijkende geur. Vandaar de volksnaam.
Compacte groei in een klein hoekig bolletje dat mooi vol blijft in het hart
Driehoekig blad als bij T. carnosus en T. camphoratus maar dan wat fijner.
Kan net als citroentijm wat last hebben van strenge vorst.
Bijzonder zeldzaam en geurig.
Bijzonder geschikt voor keukengebruik.
Sterk lijkend op Thymus vulgaris 'Compactus' maar met een iets mooiere uniform ronde compacte habitus en wellicht ook wat welriekender.
Voor de professionele tijm kweker en tijm gebruiker.
Dit is je professionele keukentijm.
Deze kwam uit Spanje verbasterd tot ons als; Thymus faustini en bleek volledig winterhard.
Het is de recent ontdekte kruising uit de streek van Murcia van waarschijnlijk T. mastichina subsp. mastichina met T. granatensis subsp. micranthus en dat is een spannende combinatie.
Vooral de matig winterharde mastichina is heerlijk en bijzonder van geur.
De geur van tomillo maakt mij gelukkig.
Borage bloemetjes uit Oost Europa, maar dan met leuk gekrulde slipjes aan de bloemblaadjes. Gedraaid zoals de propellertjes die we als kinderen op de kermis wonnen. Bloeit vroeg voordat het grote blad verschijnt. Bloem, blad en wortel worden in Turkije gegeten als 'aci hodan'.
Ze woekert een beetje met rhizomen, dus een goede bodembedekker zelfs voor droge schaduw.
Voor een rijk onbekomkommerd schaduw plekje.
De grootste bijna inheemse klaver is best wel spectaculair voor een heemplant.
Een heerlijk ding waar nuttige insecten van meegenieten.
Puur natuur en zeer makkelijk.
Deze 'witte boterbloem' is er weer zo een; een plant die iedereen moet hebben als ze bloeit.
Ik heb nog nooit iemand meegemaakt die deze kon weerstaan, gek is dat.
Heerlijk romig wit-geel, sterk en gezond.
Middellandse zee blauw uit Zuid Amerika, maar dan nog intensiever, nog meer 'wow!'.
Een potplant uit de asclepias familie, zijdeplant. De vrucht in de vorm van een 6 cm lange peul is gevuld met de zachtste zijde. Met die pluk zijde wol ga je onwillekeurig over je bovenlip strijken tijdens de zaadoogst.
Toppen mag, in het voorjaar.
Vorstvrij overwinteren, of jaarlijks zaaien als eenjarige.
Net als 'Emblue' een compacte bossige struik die ook in pot kan worden gehouden.
Matig grootvruchtig maar redelijk zelfbestuivend hoewel kruisbestuiving grotere vruchten geeft.
Een hybride ras met een zeer goede smaak ontstaan uit de kruising van Vaccinium corymbosum met Vaccinium angustifolium.
Klein maar fijn.
Deze kruising van Vaccinium ashei x corymbosum heeft een bijzondere kleur voor een bosbes. De klokjesbloemetjes doen mee met de grap en zijn ook leuk roze. Ze is uitstekend zelfbestuivend en zeer gezond. De bessen rijpen in augustus en smaken voortreffelijk fris zoet als een snoepje.
Ze houdt van humeuze licht zure grond.
Hier kun je echt indruk mee maken; roze blauwe bessen.
Een Amerkaans ras uit 1954.
Bijzonder grote, bedauwde goed bewaarbare vruchten met een aangename smaak.
Productief en droogteresistent.
Oogst: vier weken vanaf eind juli.
Amerikaanse bosbessen zijn geen bosbessen die het alleen op zeer zure grond goed doen. Ze verdragen ook onze Limburgse kalkgrond al jaren prima. Probleem is vooral dat ze stikstof alleen kunnen opnemen in pure vorm. Wij geven dat in de vorm van melasse korrels en mulchen met houthaksel.
Ze zijn zelfbestuivend en dragen goed.
'Bluegold' is een stevige groeier met middelgrote zoete bessen die in juli en augustus rijpen.
'Duke' is een professioneel vroeg rijpend en sterk groeikrachtig ras (USA 1987) onderscheiden met een Award of Garden Merit.
Ze bloeit laat, maar rijpt snel en regelmatig af met een goede kwaliteit grote vruchten.
Laat ze niet overrijp worden, dan kunnen ze te zoet en zelfs wat melig worden.
Een gemakkelijke ziektevrije struik. Goed zelfbestuivend voor oogst in juli.
Grote zoete vruchten, best vers van de struik gegeten, of tot maximaal na een week bewaren in de koelkast. Uiteraard behoren een luxe confiture of wijn ook tot de mogelijkheden.
Vanwege de bossige groei kan deze ook prima in pot. Liefst wat zuur, humeus en vochtig.
Grote rijkdom.
Bosbessen zijn niet alleen geweldig gezond en kostbaar fruit maar bovendien sierlijk vanwege hun vrolijke klokjes in het voorjaar, bessen in de zomer en vurige herfstkleur in het najaar. De bessen zijn groot, stevig en zoet-zuur.
'Heerma' is een laat ras. De vruchten rijpen vanaf half augustus tot eind september.
Snoeien is niet nodig, alleen af en toe oude takken wegknippen.
Zelfbestuivend, bodem tolerant en ziektevrij.
Deze compacte vorm geeft twee oogsten per jaar.
De eerste lichting bessen rijpt in juli-augustus. De plant blijft bloeien en draagt na een korte pauze met iets dikkere bessen door tot oktober.
Ze is goed zelf bestuivend en bestuift ook andere rassen.
Dit kleintje mag ook in pot.
'Sunshine Blue' is een blad houdende, laag blijvende, late blauwe bes met roze bloemen.
Ze is op jonge leeftijd wat gevoeliger voor strenge vorst en staat daarom het beste wat beschut.
De vrij kleine, zeer zoete vruchten rijpen in augustus.
'Sunshine Blue' is volledig zelfbestuivend, maar andere rassen in de buurt zorgen voor een grotere opbrengst.
Miss Cherry vormt een compact bladhoudend struikje dat sierlijk bloeit van mei tot juli en vanaf juli tot februari sierlijke helder glimmend rode zoet-zure bessen maakt in volle trossen. De bessen hebben een hoog gehalte aan antioxidanten en vitamine C. De plant is zeer winterhard en ziekteresistent.
Wel een beetje gedoe aangezien we kalkrijke grond hebben. Maar ze wortelt oppervlakkig, dus een dun laagje veen kan volstaan. In pot met zure grond kan natuurlijk ook.
Deze stinkt, maar het is een waardevolle heemplant voor vochtige plekjes waar nuttige insecten veel baat bij hebben.
Ik maakte er ooit preparaat van dat volgens Rudolf Steiner tegen nachtvorst zou beschermen. Een beetje raadselachtig en lastig te bewijzen of het echt werkt dus ik heb nog flesjes over.
We houden van haar omdat ze hier thuis hoort maar je maakt er geen sier mee.
Als transparate plant mag Verbena bonariensis van mij best hoog zijn, je kunt er immers doorheen kijken. Maar er zijn situaties denkbaar waarin je een lage vorm kiest. Het is een kort levende soort die het grotendeels van zelfuitzaai moet hebben. De compacte vormen die we tot nu toe zagen zoals 'Lollipop' worden gestekt en zijn dus na een of twee jaar weer verdwenen.
'Vanity' is een zaairas dat zichzelf waarschijnlijk in stand kan houden. Ze bloeit ook wat rijker, met een intensievere kleur.
Niet echt helemaal mijn ding, maar om een of andere reden denk ik deze blauwe reuzin te moeten aanbieden.
Een makkelijke eenvoudige betrouwbare plant met paars-blauwe bloeiaren.
Voor schattige, niet zo stoere tuinen.
Eine liebliche Riesin.
Een tamelijk opgaand groeiende vorm in een aangename kleur.
Nazomerbloemen die ook in de vaas kunnen.
Een van de allerbeste ereprijzen.
Een stevige plant met lange iets gebogen spits toelopende bloeiaren.
Lekker laat bloeiend.
Toch subtiel voor een reuzin.
Lange ereprijs komt in Nederland sporadisch voor op vochtige, niet te rijke rivieroevers. Tot 2017 was ze wettelijk beschermd maar het ziet er naar uit dat ze niet langer bedreigd is.
Het zijn makkelijke tuinplanten.
Als je van zacht roze houdt is dit je eerste keus.
Spannend van kleur en ja hoor, alweer een aartje, alsof we daar maar niet genoeg van kunnen krijgen. Deze is mooi maar je moet er wel zo'n nieuwe Echinacea naast planten.
In Nederland zeldzaam wild voorkomend maar dan in paars-blauw..
Niet te nat graag.
Aarereprijs is een in Nederland vrij zeldzamae plant die van nature groeit in stenig grasland.
In het wild is ze meestal paars-blauw. Deze felgekleurde selectie is het bewijs dat inheemse planten niet altijd flets van kleur hoeven te zijn. Wellicht zijn we daar wat in doorgeschoten. Maar je kunt altijd een beetje blussen met wat Knautia arvensis (beemdkroon) er tussen.
Siberische ereprijs bloeit wat vroeger dan de Virginische. De Oost-Aziatische vorm is nauw verwant aan de Noord-Amerikaanse daarom is er ook veel verwarring over naamgeving.
'Amethyst' is voor zo ver mij bekend een selectie uit de wildvorm. Ze is groeikrachtig, goed van textuur en rijk bloeiend.
Met de winterhardheid zit het ook hier wel goed.
Veronicastrum zijn onverwoestbare vaste planten waar met name bijen dol op zijn.
Hun stevige stengels staan fier overeind met bladkransen in etages en ze vormen al snel een aardige pol.
'Apollo' is een relatief lage vorm met bijzonder lange bloei aren zonder zijaren.
To the moon!
Een uitstekende, recente, compacte Oudolf introductie.
Het is een onderhoudsarme, robuuste plant die jarenlang op dezelfde plek kan staan zonder te verslappen.
Ziekte vrij en zeer winterhard bovendien.
Een rots in de branding.
De ultieme prairieplant, zonder deze is het geen echte prairie.
Onverwoestbaar sterk en in dit geval ook nog compact en hartveroverend.
Vraagt totaal geen onderhoud. Helemaal niets als je de afgestorven delen in de winter laat wegwaaien en afbranden. Heb je niet zo'n hele grote tuin dan duw je de dorre takken even in de compost.
Stoer en lieflijk.
Van planten afkomstig van de Amerikaanse prairie mag je wel wat standvastigheid verwachten. Ongecompliceerd dus en naar hartenlust te combineren, vooral met grassen, om in de prairiesfeer te blijven.
In grote groepen, of volledig gemengd met van alles en nog wat.
De kleur leent zich er voor.
Onverwoestbaar dus.
Hetzelfde onverwoestbare prairiespul in een zachter roze en wat lager.
Dat roze is hier zelfs een beetje fluoriserend.
Duidelijk lager dan de meeste van deze van de prairie afkomstige planten.
Sterk, betrouwbaar en zeer bruikbaar.
Met 'Wisley White', de meest betrouwbaar vaste cornuta. Het lieftallig zacht blauw van deze bloemen is heel aangenaam. Ze bloeit onvermoeibaar door, zeker als je er een keer in het voorjaar en eventueel nog eens in de zomer een schaar langs haalt.
Onze violen zijn gestekte vaste planten. Ze bloeien de hele zomer en staan liefst met het hoofd in de zon en de voeten in het water. (vochtig dus, niet in de vijver)
Eigenlijk zouden we moeten spreken van klimaf-viool. De ranken kunnen tot een meter lang worden en ook op die ranken komen bloemen. De witte bloemen hebben een ruim lavendelkleurig hart. Ze is heerlijk in een hangpot, maar verdraagt weinig vorst dus hartje winter wel even in de schuur zetten.
Super makkelijk, alleen elk voorjaar scheuren herpotten en delen met de buren.
Witte maartse viooltjes omdat dit lieflijke albinootje zo leuk opvalt in je schaduw hoekje.
Lieflijk en welriekend.
Een bijna witte zaailing van Viola odorata 'Königin Charlotte' die bijzonder groeikrachtig en rijk bloeiend is en ook net zo sterk geurt als haar Koningin moeder.
Ze zaaien zich heek vriendelijk en lekker uit bovendien. Na de zichtbare bloemenmaken ze cleistogame, dat zijn bloemen die niet open gaan, maar wel zaad vormen.
Adelijk geparfumeerd porselein.
Alle bloeikracht wordt bij deze amerikaanse soort opgespaard voor een explosie in het voorjaar. Tijdens de bloei is het hartvormige blad nog niet volledig ontwikkeld. Na de bloei wordt dat veel groter en krijgt de plant het karakter van een stevige zodevormende bodembedekker die het ook in de schaduw prima doet. Eigenlijk bloeit de plant wel door maar, net als Viola odorata met cleistogame bloemen. Na het voorjaar vormt ze onder het blad meteen zaaddoosjes, dus zonder bloemen.
'Delta Blues' is een nieuwe cultivar van Matt Dirr uit Georgia met een goede compacte plantvorm.
Ongesnoeid wordt deze meer dan twee meter hoog. Maar wij snoeien ze in het voorjaar net als vlinderstruiken. Dan blijven ze veel compacter en lager.
Vitex agnus castus heeft geurend blad en is zeer geliefd bij vlinders en bijen.
De bijzondere witte vorm is net zo aantrekkelijk voor bijen en vlinders als de gewone monnikspeper en heeft datzelfde sierlijk gesneden handvormig en geurige blad maar dan met een zilveren waas.
Ze kan in strenge winters wat invriezen. Maar herstelt zich daar prima van.
Atheense vrouwen zouden het blad in bed hebben gelegd om kuisheid te bewaren tijdens het feest van Ceres. Nog steeds is ze in gebruik als medicijn ter regulering van de geslachtshormonen huishouding.
Als monnikspeperfan kan ik het niet laten er een compleet sortiment van te vermeerderen. Nadat we op Kreta door heerlijke geurende Vitex bossen hebben gewandeld ben ik helemaal verkocht.
Inmiddels hebben we er heel wat in onze tuin die het allemaal prima doen.
Deze roze vorm kom je maar zelden tegen.
Snoei ze net als Buddleja in het voorjaar.
Dit is een van mijn favoriete mediterrane planten. Ze is betrouwbaar, heeft historie, is geneeskrachtig, heeft geweldig handgeveerd blad en een fantastisch diepe bloeikleur.
Deze ondersoort 'latifolia' is extra intens van kleur. Ze staat al vele jaren in onze tuin. De punten vriezen soms wat in, maar je moet ze toch elk voorjaar terugsnoeien. Als bij vlinderstruik, maar iets minder diep.
Iedereen is dol op haar.
Een Zuid-Frans ras van A. Siebel dat het in ons soms wat kille klimaat uitstekend doet.
Zeer ziekte resistent en zelfs op minder zonnige plekken goed vruchtdragend.
Grote vruchten met een zachte smaak.
Geschikt als tafeldruif of voor wijn.
Snoei ze niet na januari, anders gaan ze bloeden.
Tot voor kort vonden we 'Boskoop Glory' wat te gewoontjes voor ons sortiment.
Een van onze medewerksters bracht wekenlang heerlijk zoete aromatische en vrijwel pitloze druiven mee voor ons allemaal. Toen ik vroeg welk ras dat was antwoordde ze: 'Boskoop Glory'.
De cultivar is omstreeks 1903 in Boskoop ontstaan. Het blad verkleurt in de herfst sierlijk koraal, scharlakenrood en paars.
Ook in een matige Hollandse zomer smaken ze beter dan supermarkt-druiven.
Vroeger in het westland in kassen geteeld. In Hampton Court staat een exemplaar dat in 1768 werd geplant door Lancelot 'Capability' Brown en nu nog volop vrucht draagt.
Vroeg, grote opbrengst, dikke trossen.
Als er erg veel vruchten in de tros zitten kleuren ze minder door. Ze zijn dan wel rijp en zoet. Gevoelig voor meeldauw, dus wel wat verwennen.
Best in de kas of zeer zonnig tegen een warme muur.
Een van de allerlekkerste pitloze druiven.
Losse trossen, weinig ziekte gevoelig.
Zeer geschikt voor ons klimaat. Ook voor buitenteelt. Liefst wel op een warme zuidmuur. Een harde groeier.
Middengrote vruchten. Zoet van smaak, geschikt als tafel- en wijndruif en om te drogen.
'Katharina' is een aromatisch fris zoetzuur smakende roze-rode tafeldruif. Ze hoeft niet worden gekrent en rijpt vrij laat, in oktober, verspreid over enkele weken.
Het is een modern redelijk productief ras geselecteerd op smaak en ziekteresistentie.
Druiven snoei je in de winter tot uiterlijk half januari, anders gaan ze bloeden. Je kunt ze ook in de zomer snoeien om de trossen meer licht te geven. Ze zijn dol op kalk.
'Lakemont' is een pitloze zoete en aromatische tafel- of wijndruif.
Ze is ziekteresistent en geeft een hoge opbrengst in september.
Je mag ze krenten voor grotere bessen en ze rijpt beter als je in augustus het blad voor de trossen weg knipt.
Grote volle trossen, vol kleine zoete bessen.
Druiven snoei je in de winter, tot uiterlijk half januari.
Deze heerlijke druif is niet 'crunchy'.
Zeer zoet en heerlijk nootachtig van smaak. Vooral een tafeldruif maar uiteraard ook geschikt om een bijzondere aromatische wijn van te maken. Zoals die uit Riversaltes, Lunel en Frontignac.
Laat rijpend, dus graag op een warme zonnige plek of in de kas. Langerekte trossen.
Waarschijnlijk een van de oudste druivenrassen in cultuur.
Een recente ziekte resistente kruising die zeer veel wordt geplant in de Duitse wijngebieden en ook met succes buiten kan worden geteeld in Nederland.
Er is een diep gekleurde prachtige wijn van te maken met veel alcohol.
Vruchten bijna zwart en heerlijk fris van smaak, dus ook als tafeldruif geschikt.
Fantastische purperen herfstkleuren.
'Solaris' is een ziekte resistente druif in 1975 in Duitsland speciaal ontwikkeld voor koelere klimaten. ('Merzling' x 'Geisenheim 6493') Zeer geschikt dus voor biologische teelt.
Ze maakt grote trossen gele druiven met een zoete aromatische smaak.
De druiven zijn bolrond en bevatten geen, of weinig kleine pitten.
Echte wasabi, eindelijk mogen we die na jaren gerucht ook hier aanbieden.
Die groene tubes voor je sushi, dat heeft hier helemaal niets mee te maken. Dat is nep. Echte wasabi is een sensatie.
Het is niet een plant voor iedereen. Ze vereisen een beschutte standplaats, liefst een koude kas, schaduw en veel vocht.
Niet scherp, maar heerlijk zoet, mild en romig, dat is de echte. Ook het blad en de bloemen mag je eten. De wortel vergt 2 seizoenen. (Mits je niet te veel blad snoept.)
Japanse blauwe regen bloeit pas tegen het einde van het voorjaar en windt linksom.
'Okayama' heeft sterk geurende 10 tot 15 centimeter lange bloemtrossen in een heerlijke kleur.
Onderscheiden met een Award of Garden Merit.
Snoeien doet Wisteria bloeien.
Silk heet ze vanwege het grijs behaarde jonge blad. De trossen aan korte steeltjes worden zeer lang.
Met wat steun van een stok kun je er ook door op de gewenste hoogte te toppen een boompje van maken dat je elk jaar na de bloei flink terug snoeit. Dit boompje kan zelfs in pot.
Tegen een muur bind je haar aan op de gewenste hoogte.
Geurende diep gekleurde bloemen in tot 40 cm lange trossen.
Voor een warme muur, liefst wit zoals je ze bij Waterloo ziet, bijna huis aan huis.
Bloeit nadat het blad is uitgelopen.
'Kyushaku' bloeit relatief laat en lang met extreem lange, aangenaam geurende bloemtrossen.
De selectie is een scheut van een monumentale 1200 jaar oude Wisteria in Ushijima. De naam 'Kyushaku' (9 shaku) verwijst naar de lengte van de trossen.
Wisteria floribunda is rechtswindend.
In de loop der jaren vormt ze een dikke stam en zware struik.
Tot 45 cm lange, heerlijk geurende roze trossen aan lange windende stengels.
Wij laten ze door de bomen slingeren in ons Aziatisch hoekje. Maar tegen een muur op het zuiden vallen ze nog meer op.
Regelmatig snoeien zorgt voor meer bloei. En je kunt er ook een 'boompje' van maken door aan te binden aan een paal en regelmatig terug te knippen.
Vanwege dit heerlijke violet heten ze blauwe regen.
De Amerikaanse bloeien iets langer dan Chinese.
Langer hoeft eigenlijk niet zo indrukwekkend zijn ze beiden.
De angst voor niet bloeiende planten geldt zaailingen. Wij hebben alleen grote geënte volwassen planten die allemaal hetzelfde jaar of binnen enkele jaren gaan bloeien.
Snoeien doet ze beter bloeien.
Uit Kentucky, echt waar, komt deze bijzondere wat trager groeiende maar prima bloeiende witte vorm.
De bloemtrossen zijn tot 30 cm lang.
Ook deze kan met wat steun tot een boom worden gevormd.
Je mag er flink aan snoeien, dat komt de bloei alleen maar ten goede.
Er is wat verwarring over deze omdat er ook een Amerikaanse blauwe regen bestaat onder deze naam.
Ze is zeer sterk geurend en rijk bloeiend met heel veel relatief korte bloemtrossen.
We hebben alleen geënte Wisteria op naam. En die bloeien altijd binnen een of twee jaar als ze eenmaal uit hun pot verlost zijn.
Wisteria sinensis is linksom windend.
Snoeien doet ook hier bloeien.
Deze bloeit op het kale hout in trossen van 25 cm.
Sterk geurend en explosief bloeiend.
Snoeien doet ze extra bloeien.
Ik maak er graag kleine boompjes van die elk voorjaar diep worden teruggesnoeid. Maar dat wordt dan weer jarenlang vergeten.
Als klimplant is de hoogte natuurlijk niets anders dan maximum hoogte. Ze nemen ook genoegen met een witte muur van maar twee of drie meter.
Zeer lange bloeitrossen en gemakkelijk bloeiend.
Afkomstig van Mears Ashby Nurseries, Northamptonshire.
Een tweekleurige, zeer sterk geurende 'blauwe' regen.
Geweldig tegen een warme witte muur maar vrijstaand of tegen een pergola of hekje kan ook.
Makkelijk bloeiend met lange hangende bloemtrossen.
Deze 'Szechuanpeper' komt wild voor in het oosten van de VS en Canada en is dus zeer winterhard. Het is een scherp gedoornde, kleine boom of meerstammige struik met fijn geveerd blad.
De vruchtjes zijn, net als bij Zanthoxylum piperitum, zeer scherp en prikkelend van smaak. De indianen kauwden er op tegen tandpijn. Tegenwoordig is het een geliefd keukenkruid. Ik ben er niet dol op, maar ik vind het fantastisch dat er een peper is die je zelf kunt kweken.
We kennen de specerij als staartpeper. Maar in dit geval is de struik waar de specerij aan groeit, hoewel nogal exotisch, bij ons uitstekend winterhard.
Aan de gang dus, over een paar jaar kun je deze zeldzame specerij en delicatesse per kg uitdelen.
De bast heeft bijzondere grote doorns. De smaak van de pepers is nogal prikkelend.