Deze is veel verfijnder dan de andere Pycnanthemum, met haar smal geveerd blad.
Kleine knoopachtige witte bloemen in clusters, de hele zomer
dit is geen muntsoort, maar ze heeft wel een munt-geur.
Het geslacht Pycnanthemum werd vroeger tot de Mentha gerekend.
Een amerikaanse bosrandplant met heerlijk zilveroplichtend topblad.
Een van de beste vlinderplanten die er zijn!
Bovendien heerlijk geurend.
Het blad kun je vers kauwen, of je kunt er thee van maken.
De eerste keer dat ik deze plant met paars gespikkelde witte bloemen en smal grijzig blad uit het zuiden van de VS zag stond er een bordje bij met: Origanum viride. De bijen uit een nabijgelegen korf vlogen er massaal op, zo'n bevlogen plant zag ik daarna nooit meer.
De groeiwijze lijkt inderdaad op die van marjolein. Het is ook een ex-munt: vroeger heette ze Mentha pilosum.
Die muntgeur blijft en wordt na drogen zelfs nog sterker.
De zoet sappige vruchten rijpen eind september en smelten quasi in je hand.
In 1820 gevonden door Bonnet uit Boulogne sur Mer en vernoemd naar
monsieur Hardy, directeur van de 'Jardin de Luxembourg' in Parijs.
Ze kan zich zelf bestuiven maar de opbrengst wordt aanzienlijk verhoogd wanneer een van de volgende rassen in de buurt staan: 'Bonne Louise d'Avranches', 'Charneux' 'Clapp's Favorite', 'Conference', 'Doyenné du Comice', 'Gieser Wildeman', 'Supertrevoux' of 'Triomph de Vienne'.
Als ik twee peren moest kiezen, dan deze en 'Doyenne du Comice'. En gelukkig zijn die twee ook nog goede bestuivers voor elkaar. Lang gelden hadden we een boomgaardje in beheer met vooral 'Conference', de 'Doyenne du Comice' stonden er tussen als bestuivers.
Goed bewaarbaar en lang lekker.
'Decora' maakt een mooie volle zuilvorm. De peren zitten aan korte zijtakken dicht tegen de stam. Uiteindelijk wordt deze zuil 150 tot 180 cm hoog.
Ze is zelfbestuivend.
Houd de zijscheuten kort door ze in de zomer te snoeien tot op enkele centimeters van de stam.
De rode blos geeft het al weg; heerlijk zoet, sappig en aromatische vruchten in september-oktober.
En dit is mijn allerliefste peer. Ze worden ongeëvenaard zacht en sappig wegsmeltend als ze goed rijp zijn.
Ook deze kan een flink stuk de winter in worden bewaard.
'Conference' is een goede bestuiver maar ze kan zich ook redelijk zelf bestuiven. Er kunnen dan zelfs pitloze peren ontstaan.
Gevonden door Comice Horticole de Maine et Loire en in 1849 geïntroduceerd.
Deze peer maakt geen kroon. De vruchttakken blijven kort dus de heerlijk zoete sappige peren hangen dicht bij de stam. Ze groeit traag en blijft zeer compact. Snoei is vrijwel niet nodig. Zeer geschikt dus voor een kleine tuin, of zelfs in pot.
Ze is bovendien goed zelfbestuivend.
In oktober haal je je plintenladdertje uit de schuur voor de oogst.
Zuilvormen van fruitbomen zijn hip. Ze zijn ideaal voor kleine tuinen en kunnen zelfs in pot op een balkon of als fruitheg worden geplant. Het zijn speciale rassen die heel weinig groeien en hele korte vruchtbare zijtakken maken. Ze hoeven ook niet of nauwelijks gesnoeid. Voor een haagje plant je deze 60-80 cm van elkaar.
'Obelisk' is zelffertiel, ze lijkt qua smaak op Conference', een zoete sappige peer dus.
Tof deze.
Nashiperen komen oorspronkelijk uit China en Japan, maar ze kunnen hier ook goed vrucht dragen.
Ze zijn eenhuizig en kunnen zichzelf bestuiven maar de vruchtzetting is beter als er meerdere rassen worden gecombineerd.
De zoete vruchten rijpen in september en hebben een beetje een karamel smaak. Ze kunnen tot februari worden bewaard.
'Chojuro' is zeer vruchtbaar, een oud Japans ras met goed smakende kleine vruchten.
Een soort peer in de vorm van een appel met een complexe zoete smaak met een vleugje peer, appel en meloen. De dunschillige, middengrote vruchten rijpen eindaugustus.
'Shinseiki' is een kruising tussen 'Nijisseiki' en 'Chojuro'. Ze is zelfbestuivend, maar draagt veel rijker met een ander ras erbij als bestuiver.
Het blijven fijne kleine compacte boompjes
'Tama' is een vroeg ras met kleine zeer zoete vruchten. De vruchten zijn lang bewaarbaar.
Ze bloeien vroeg, maar hebben minder last van nachtvorst dan gewone peren.
Nashiperen kunnen over het algemeen zichzelf bestuiven, maar ze zetten beter vrucht en dragen zeer rijk wanneer je verschillende rassen plant.
.
Wat mij betreft de ideale combinatie van het beste van zwarte bes en kruisbes. De vruchtgrootte houdt precies het midden. Ze rijpen in juni / juli.
Snelgroeiende struiken zonder doorns die makkelijk tot een leuk mini-boompje te snoeien zijn. Vrijwel onvatbaar voor ziekten.
Commercieel worden ze niet geteeld omdat de bessen te verspreid hangen. Thuis is dat geen probleem.
Goed gesnoeid zien ze er al snel uit als stokoude druivenstokken.
Goed van smaak, goede trosvorm, dikke bessen en ongevoellig voor meeldauw.
Rijpt middentijds en uniform, dus geschikt voor het inmaken van grotere hoeveelheden.
Voor de inmakers.
Deze recente introductie blijt laag en compact. Bovendien is ze mild van smaak waardoor ze ook vers aangenaam van smaak is.
Ze is volledig zelfbestuivend, er hoeft dus geen ander ras in de buurt te staan.
De besssen rijpen vanaf juni.
Snoepjes op peuterogenhoogte.
Grote trossen met dikke bessen.
De bessen hebben een zachte cassis smaak en vallen niet van de steel.
Handelbaar dus en zachtaardig van smaak.
Een heel goede zwarte, zo simpel is het.
Dit is geen zinkend schip maar een beste bes.
'Gloire des Sablons' is een oud (1854), maar vergeten ras met een heerlijke zachte zoete smaak. De bessen zijn zachtroze en halfdoorschijnend
We hebben grote volwassen struiken die soms dit jaar, maar zeker volgend jaar al bessen dragen. Ze rijpen vanaf eind juni.
Aalbessen zijn altijd zelfbestuivend.
Pink glory. Voor bij je champagne.
Een oud standaardras dat herinnert aan hoe we met de tuinbouwschool op excursie bij een bessenteler zagen hoe hij met een stok de takken naar beneden sloeg om ze half gebroken, vruchtbaarder te maken. Makkelijk dus.
Als ze een beetje kwarren knip dan een oude tak diep terug. Is daar een bruine gang te zien knip dan nog dieper tot er geen gangetje meer is. Dat is een mot die zich naar beneden vreet. Vooral bij oude planten.
Sappige geel witte bessen in gevulde trossen. Zoeter dan rode aalbes.
Begin juli rijpen ze.
Aan de tros zijn aalbessen wekenlang bewaarbaar.
Ze kan prima als losse struik geteeld maar produceert nog beter in rijen aan draad, plant afstand is dan: 50 tot 100 cm.
Voor de gouden eeuw van de eetbare tuin.
Deze moderne, vrijwel doornloze compacte roos met een overhangende compacte groeiwijze is door PlantHaven speciaal ontwikkeld voor potten en bakken.
Natuurlijk mag je haar ook in je perk planten.
Ze is gezond en bloeit de hele zomer met kleine, gevulde, sterk naar citroen geurende bloemen.
Citroenparfumpotfontein.
Eindeloos bloeiende perkroos geschikt voor grote en ook hellende vlakken.
In het voorjaar even met de heggeschaar erover, een derde er van af.
Af en toe uitgebloeide trossen verwijderen stimuleert de bloei.
Licht geurend.
Een bodembedekkend sprookje met kleine kristalwitte naar appel geurende bloemen.
In het voorjaar zonder veel gedoe lekker diep terugknippen houdt ze goed gezond.
Ze groeien breed uit dus in de vasteplantenborder sterk spul ernaast planten anders raak je misschien het een en ander kwijt.
Rosa banksiae f. lutea is mijn favoriete roos vanwege haar fantastische kleur. Ze bloeit helaas maar een maand in mei, wat die maand heel speciaal maakt.
'Purezza' (Q.Mansuino, Italia 1961) geeft een tweede bloei in de herfst.
Ze is vrijwel doornloos, net als f. lutea en ze is, hoewel dat er tegenwoordig niet meer toe doet, wat winterharder.
Aangenaam geurend.
Een sprookjesroos, deze reusachtige doornloze rambler.
Goed te herkennen aan het smalle spitse blad. Ze groeit hard en bloeit eenmalig rijk in mei.
Ze komt in China wild voor op 500 tot 2200 meter hoogte. Rosa banksiae is vernoemd naar Dorothea Lady Banks, echtgenote van de Britse botanicus en directeur van Kew Gardens, Joseph Banks.
Dit is waarom wij van rozen houden.
Op Sardinië vonden we dezelfde roos die bij ons van nature voorkomt en zich op onze kwekerij ook spontaan langs ons hoofdpad heeft gevestigd. Ze biedt onderdak aan talloze insecten en maakt prachtige langwerpige rode vruchten voor de vogels.
Met het zaad uit Sardinië hebben we een krachtig groeiende vorm die mogelijk de hitte die we komende jaren mogen verwachten nog beter verdraagt.
Ze maakt felrode langwerpige bottels voor de beestjes.