Forse prijswinnende vlinderstruik met zeer dikke, lange, vertakkende bloempluimen.
Ze bloeit zeer lang omdat ze geen zaad vormt en zaait zich dus ook niet hinderlijk uit.
Buddleja davidii is een makkelijke struik met grijs blad, voor elke standplaats. Snoei ze in het voorjaar van jongs af aan diep terug om ze vol te houden.
Verwen je vlinders.
Deze dwerg-Buddleja groeit breed uit en maakt lange pluimen.
Ze maakt zijscheuten en bloeit daardoor lang.
Knip haar net als de andere vlinderstruiken in het voorjaar diep terug zodat ze mooi vol blijft.
Uit de Humdinger serie van Walters Gardens.
Nog een dwerg vorm uit de Humdinger serie van Walters Gardens. 'Humdinger' betekent zoveel als spectaculair opwindend. De kleur van de tot 20 cm lange pluimen draagt hier stevig aan bij.
'Magenta Munchkin' bloeit vroeg en lang.
Diep terugsnoeien in het voorjaar.
Dit is volgens de Royal Horticultural Society de beste roze, vandaar de 'Award of Garden Merrit' die in 2010 nog werd bevestigd.
De beste roze onder de klassieke roze vlinderstruiken dus.
Een flinke struik die elk voorjaar diep moet worden teruggesnoeid.
Plenty, pretty, pink.
Een van de meest succesvolle vlinderstruiken ooit en nog steeds een van de beste roze.
Gevonden in de VS en in 1942 geintroduceerd door Karle A. Lucal.
Door de RHS bekroond met een AGM in 1950 en 1984 en nogmaals bevestigd in 2010.
Zeer groeikrachtig, aren tot 40 cm lang.
Buddleja x weyeriana is een lang en rijk bloeiende kruising tussen Buddleja davidii x globosa. De bloemen zitten soms meer in een bol dan in een aar.
Behalve die leuke bloemtrossen zie je ook vaak dat de kleuren van beide ouderplanten zich (half) mengen. In dit geval is dat een vleugje violet.
'Lady the Ramsey' een fantastische, wat oudere cultivar van onbekende herkomst.
Het vroegst uitlopende siergras dat aanvankelijk amper opvalt, maar vanaf de bloei begin juli voortdurend spannender en aantrekkelijker wordt tot diep in de winter.
Steeds strakker staan ze rechtovereind vanaf de wat lossere bloei.
Combineren met Verbena bonariensis en Selinum wallichianum voor maandenlang plezier.
In het voorjaar terug knippen is niet echt nodig.
Een gemakkelijke zuil voor je prairie.
Deze oude vriend was in 1994 vaste plant van het jaar.
Heerlijke frisse muntgeur, sierlijke, luchtige en langdurige bloei, ongedwongen bossige groei en glimmend rond blad.
Er bestaan ook vormen met meer behaard blad. In de Pyreneeën noemen ze die bergmunt.
Wolkjes porselein wit en geur voor tuin en Italiaanse keuken.
Een witte selectie van Brian Kabbes die het midden houdt tussen de grootbloemige 'Weißer Riese' en de kleinbloemige 'White Cloud' die door Hans Kramer werd gevonden.
Een goede geurige en al lang mijn favoriete witte bergsteentijm.
Munt, in lieve geurige wolkjes.
Het heeft even geduurd voor we de klokjes leerden waarderen. De volgende stap is die van de stoere grote soorten naar deze minibelletjes. Maar het is ook zo'n heerlijke kleur.
Je moet er wel een overzichtelijk hoekje voor hebben waar ze niet in de verdrukking komt. Ze kan ook in pot of in een rotstuintje.
Wild komen ze tot 3000 m voor in de Zuidelijke bergketens van Europa.
Een schatje en dat is het.
Een klassieke prijswinnaar waar de Engelsen hun tuinen mee vullen.
Geschikt voor de beginnende tuinier.
Hier kan weinig mis mee gaan. Alleen niet al te droog zetten.
Ze beginnen nu zo ouderwets te worden dat ze weer hip zijn.
Datzelfde oranje uit de jaren 70 maar dan in paars.
Lijkt op Carex comans 'Bronze Form' maar dan iets groter en met breder blad. Het doorbuigend bronsgroen blad heeft oranje punten en kleurt in de herfst naar levendig roestig oranje. Op een vochtige plek in de zon kleurt het blad het best.
Deze, zo werd mij ooit verteld, zou niet winterhard zijn, maar wij weten uit ervaring dat dit een van de betrouwbaarste bladhoudende grassen is dat hier al vele jaren met kleurig fris blad glansrijk de winter doorstaat.
Smal donkergroen blad diep donkere pluimen in het najaar.
Ze hebben een Mediterrane uitstraling maar komen oorspronkelijk uit Oost Azie. (Mongolië, China, Korea, Japan)
Knip ze in maart of april pas terug net als vlinderstruiken.
De blauwste, met een goed rechte habitus.
Deze 'mediterrane' plant komt oorspronkelijk uit Oost Azië. (Mongolie, China, Korea, Japan). Ze is recent verhuistd van de familie Verbenaceae naar Lamiaceae.
Deze van Liss Forest Nursery heeft aangenaam zilver grijs blad zodat ze als laatbloeier het hele jaar aantrekkelijk is. In 2008 op Plantarium onderscheiden met een zilveren medaille.
Je mag ze in het voorjaar diep terugknippen.
Tamme kastanje komt van nature voor in Zuid Europa, N.W. Afrika, van Marokko, tot Pakistan. Gekweekt worden ze vooral in de Ardèche en op Corsica. In Nederland zijn ze ingevoerd door de Romeinen.
Ze vormen een goede vroege bron van stuifmeel voor wilde bijen en andere insecten. De vruchten zijn rijk aan eiwit en zetmeel. We eten ze graag met spruitjes.
Het hout is zeer duurzaam en wordt speciaal gekweekt voor palen en hekwerk.
Ze groeien aanvankelijk traag maar kunnen uiteindelijk heel oud en hoog worden.
Kan vanwege de hoogte alleen op een pallet worden verzonden. Verzending in pakket is helaas niet mogelijk.
Ook dit is een bladhoudende, dus vroeg bloeiende cultivar. Daarom is het aan te raden pas na de bloei te snoeien.
Ze wordt uiteindelijk zo'n 1,5 tot soms 3 meter hoog.
Een mooi maatje voor een Californische sering bijvoorbeeld tegen een warme muur naast de voordeur.
Fijne diepe kleur.
De bolle blauwe bloemenzee uit je dromen.
Nog een voorjaars bloeiende cultivar die je dus in de zomer snoeit. Pas op voor te forse groei in de top.
Je kunt ze allemaal als struik of als klimmer toepassen.
Dit grappige heerlijke sprieten bloemetje met het grote licht behaarde blad staat graag zonnig op doorlatende grond.
Ze vormt uiteindelijk sterke dichte tapijten die je kunt delen.
Chiton, de Centaur uit de Griekse mythologie gebruikte een soort uit dit geslacht om zijn voet te helen, vandaar de naam.
Nou ja zeg; witte rode valeriaan.
Gewoon een vergeten bloem voor je witte border.
No nonsense plant die in alle tuinsferen past.
En bovendien heel mediterraan, zonaanbiddend en insektenvriendelijk.
Zo'n feestelijke ouderwetse plant waar heel veel mee kan. Ik zag ze voor het eerst lang geleden groeiend op een muur in Zuid Frankrijk. Je kunt ze laten verwilderen in een berm maar ook in een prairie of gewone border doet ze goed mee.
Het blad is rauw en gekookt eetbaar, de wortel kan in soep.
Herontdekt zeg maar.
Zichtbaar verwant aan Scabiosa, deze hoge strak omhoog groeiende en stevige plant met bloemen in een romig zachtgele kleur. Het wordt een statige plant die zich royaal uitzaait. Onze regionale radio-tuin-vraagbaak, Loek Peters, had vanwege zijn flamboyante alpinopet de bijnaam: 'grote plathoofd'. Het is ook een plant die hem vanwege het natuurlijk karakter zal bevallen.
Ze staat massaal in onze tuin.
'Treneague' is een niet bloeiende kloon van Roomse Kamille. Hij vormt een zeer compacte platte sterk geurende zode. Een eigen veldje van deze appelkamille om met blote voeten te betreden is grote rijkdom die appel-badschuim ver achter zich laat. Bedenk wel dat de reputatie makkelijker dan gras niet helemaal terecht is. 'Treneague' moet absoluut zon hebben en liefst een beetje zandige grond. Reken op 7 tot 9 stuks per m2.
De meeste Cistus soorten komen van nature voor op zure grond. Deze troffen wij regelmatig aan in kalkvegetaties onder andere in Zuid Frankrijk en Noord en Zuid Spanje. Dat is goed nieuws omdat onze bodems over het algemeen kalkrijk zijn, zeker hier in Zuid Limburg.
Ze heeft een compacte groeiwijze, heerlijk beige-grijs blad en bloemen van feestelijk roze crêpe-papier.
Deze kruising van C. x canescens met vermoedelijk C. laurifolius gevonden door J. E. Sammons lijkt sterk op C. argenteus 'Peggy Sammons' maar heeft kleiner blad. De bloemen zijn zacht zalmroze en 5 tot 6 cm groot. Ze verdraagt tot -15oC en neutrale of licht kalkhoudende grond hoewel ze liever wat zuur staat.
Erg rijke bloeier met een lichte neiging tot zichzelf quasi dood bloeien.
Deze kruising van C. x canescens met vermoedelijk C. laurifolius gevonden door J. E. Sammons lijkt sterk op C. argenteus 'Peggy Sammons' maar heeft kleiner blad. De bloemen zijn zacht zalmroze en 5 tot 6 cm groot. Ze verdraagt tot -15oC en neutrale of licht kalkhoudende grond hoewel ze liever wat zuur staat.
Erg rijke bloeier met een lichte neiging tot zichzelf quasi dood bloeien.